Ik schrijf maandelijks onder andere een column in Misset horeca. Hieronder vind je een overzicht van mijn artikelen.

Geachte heer Paul Dirken | D.D. 22 april 2013

GEACHTE HEER PAUL DIRKEN

U gaf vorig jaar tijdens de Top 100 Grootste Bedrijven een presentatie waar ik tenenkrommend naar geluisterd heb. Daarom richt ik mijn column aan u, Paul Dirken, directeur bedrijven Rabobank Nederland. Het is namelijk in het ondernemerswereldje taboe, beschamend en bedreigend om te praten als je ‘geknipt en geschoren wordt’ door de Rabobank. Ik bankier al dertien jaar bij u in Nijmegen en ik ga mijn verhaal vertellen en delen met anderen. Hopelijk heeft u er iets aan.

Sinds november 2009 registreert de Ondernemerskredietdesk klachten van ondernemers over het gedrag van banken bij het verlenen van krediet. Aan de hand daarvan is nu een top vijf van klachten samengesteld. Die luidt: mijn bank…
1. weigert mij krediet te verlenen
2. heeft mijn bestaande krediet ingetrokken
3. heeft het bestaande krediet beperkt
4. heeft eenzijdig de kredietvoorwaarden gewijzigd
5. heeft de rente van het bestaande krediet verhoogd

Ik heb, Paul Dirken, van punt 1 tot en met punt 5 bij de Rabobank Nijmegen meegemaakt…
1. U heeft mij geweigerd krediet te verlenen.
2. Mijn krediet is ingetrokken waardoor ik €2,2 miljoen afgelost heb.
3. Ook had u van de één op de andere dag mijn rekeningcourantkrediet met €200.000 ingeperkt en in een later stadium probeerde u nog eens €400.000 in te perken. Maar dat had u, door dreiging van een kortgeding gecorrigeerd.
4. Met het mes op de keel heeft u mijn kredietvoorwaarden gewijzigd. Deze ging alle fatsoensnormen te boven.
5. Tot slot heeft u ook mijn rente verhoogd van Euribor met een opslag van 1,5 procent naar Euribor met een opslag van maar liefst 3,05 procent!

Ik wil u uit respect niet dagen voor de rechter maar ik denk dat dit hierboven niets te maken heeft met zorgplicht, proportionaliteit, redelijkheid en billijkheid… Beste heer Paul Dirken, uw Rabobank heeft mij niet klein gekregen! U kunt deze week ook een dikke dagvaarding voor een bodemprocedure in de bus verwachten, waar punt 1 tot en met punt 5 met feiten en bewijs beschreven staan en nog veel meer. Ik weet dat de Rabobank veel juridische vrijheden heeft, maar ik beloof u, Paul Dirken, directeur bedrijven Rabobank Nederland, dat ik zal vechten, linksom of rechtsom, één jaar of tien jaar; uiteindelijk ga ik voldoening krijgen! Wordt vervolgd…

Lobbyist Hans Wiegel; een meesterzet | D.D. 1 maart 2013

LOBBYIST HANS WIEGEL; EEN MEESTERZET

Wat de brouwerijen fantastisch beheersen is lobbyen. Maar wat is lobbyen? Het is het stelselmatig uitoefenen van invloed op beleidsmakers bij bestuursorganen; Het vindt doorgaans plaats buiten het zicht van de openbaarheid.

Een bewonderenswaardige meesterzet van de brouwerijen was het aanstellen van Hans Wiegel als voorzitter van Nederlandse Brouwers (toen nog CBK geheten). Jaaa, u leest het goed: Hans Wiegel, in het eerste kabinet Van Agt was Wiegel minister van binnenlandse zaken en vice-premier, dé VVD-coryfee, dé man van wie men verwachtte dat hij eens minister president zou worden.

Een uitspraak van diezelfde Wiegel: ‘Brouwers zijn altijd vrolijk en opgewekt. Het was echt een genot om naar de vergaderingen toe te gaan’. De ervaren lobbyist stelt verder: ‘Ik heb Jan Kees de Jager bijvoorbeeld een keer uitgenodigd op een brouwerij, zodat hij kon zien wat voor goed ondernemerschap daar bedreven wordt.’ Volgens Wiegel gaan bier en politiek goed samen. ‘Journalisten weten dat er in Den Haag heel wat afgedronken kan worden.’

Ook zijn voorgangers als voorzitter van Nederlandse Brouwers waren actief in het landsbestuur. Dat Wiegels opvolger dat ook zal zijn, ligt dus voor de hand.

Last but not least, zegt Wiegel: ‘Lobbyen gaat het beste als je persoonlijk met een minister om de tafel gaat zitten’. Is dit niet meesterlijk van de brouwerijen dat een Hans Wiegel zo over de brouwerijen praat? Is het niet meesterlijk van de brouwerijen dat een Hans Wiegel zoveel macht had binnen de VVD dat hij zaken kon agenderen in politiek Den Haag. Máárrrrrrr….hij kon ook voorkomen dat bepaalde zaken op de landelijke politieke werden geagendeerd…

Een lesje dodelijk doeltreffend zaken doen van de brouwerijen. Dit niveau is voor ons horeca-ondernemers en onze vertegenwoordigers too far away.

Zo nu naar de orde van de dag: Hoeveel hectoliter korting heb jij?

Horecaondernemer Arnhem | D.D. 4 december 2012

HORECAONDERNEMER ARNHEM

Toen ik me verdiepte in de horeca-activiteiten van de gemeente Arnhem ben ik enorm geschrokken. De gemeente fungeert bij veel (horeca)bedrijven, zalen en culturele instellingen als goedkope financier of als subsidieverstrekker. De doelstelling is reguliere horeca ondersteunen door ‘culturele’ activiteiten te ontplooien die niet normaliter niet plaatsvinden in de reguliere horeca omdat het of niet betaalbaar is of een nichemarkt is. In de praktijk loopt dit echter anders. Subsidie voor de culturele programmering (cultureel is het toverwoord om subsidie te krijgen) is meestal al snel op. Gevolg is dat er daarna commercieel geprogrammeerd wordt. Keiharde concurrentie voor de reguliere horeca!

Een overzicht uit Arnhem:
Musis Sacrum / Stadsschouwburg (capaciteit: 2500 en 1500)
Zaalverhuur aan commerciële marktpartijen, disco/dance-feesten met nachtvergunning
Eusebiuskerk (cap. 1500)
Zaalverhuur aan commerciële partijen, incidenteel disco-/dancefeesten
Rijnhal (cap. 6000)
Locatie wordt verhuurd tegen symbolisch bedrag
Focus Filmhuis (horecacapaciteit 80)
Ondersteunende horecafunctie
Luxor Live (cap. 900)
Verbouwing €12 miljoen, huurovereenkomst gemeente, nietmarktconforme huur, jaarlijkse subsidie voor huisvesting en activiteiten €630.000, extra dekking aanloopverliezen €1.000.000,
zaalverhuur aan commerciële partijen, hoge frequentie disco-/dancefeesten, vrije sluitingstijden per 1 december 2012
Willemeen (cap. 150)
Zaalverhuur commerciële partijen, vrije sluitingstijden per 1 december
Witte Villa Sonsbeek (cap. 800)
Zaalverhuur aan commerciële partijen, regelmatig disco/dance-feesten met nachtvergunning
De Palatijn Sonsbeek (cap. 100)
pachtovereenkomst gemeente, details onbekend
Popcentrum Jacobiberg (cap. 120), Modez Hotel Klarendal (cap. 20) en Sugar Hill restaurant Klarendal (cap. 20) gerealiseerd met gemeente/volkshuisvesting
Goed Proeven restaurant Klarendal (cap. 120)
voorkeurslocatie voor gemeentelijke activiteiten, geen marktconforme huur
Marktplein (cap. 15.000)
4 x per jaar grootschalige evenementen, horeca verpacht aan commerciële marktpartijen, subsidie voor Koninginnedag en -nacht €60.000, overige subsidie €200.000

Misschien toch bij de gemeente Arnhem in loondienst gaan als horecaondernemer. ..

Three Strikes Out-systeem | D.D. 5 oktober 2012

THREE STRIKES OUT-SYSTEEM

Je zou denken dat ik met deze titel mijn column ga schrijven over honkbal, maar… helaas.

Het gaat onder meer over de gemeente Amsterdam, die compleet de weg kwijt is. Na het rookbeleid en het verbod op staand drinken was het in augustus opnieuw raak: het nieuwe ‘Three strikes out-systeem’ ging van kracht.

Het schrikbewind in Amsterdam houdt in: bij overlast wordt de eerste keer de vergunning van het terras of de gelegenheid voor een week ingetrokken, de tweede keer voor een maand en de derde keer voor altijd! Op deze manier kan één kwaadwillende ervoor zorgen dat je straks je zaak moet sluiten. Daarnaast is nergens vastgelegd wat ‘overlast’ precies inhoudt. Moet de horeca rokende klanten dan gaan dwingen binnen te blijven? Iedere gast wordt opeens een potentieel sluitingsgevaar, die de Amsterdamse horeca op last van de wet constant de les moet lezen.

Maar het blijft niet bij de hoofdstad. Afgelopen maand was ik op uitnodiging in Spa bij de Formule I. Tijdens een diner met collega’s uit Den Haag vertelde zij hoe een ‘mafkees’ in hun zaak iemand met glas sloeg. Vervolgens hebben die ondernemers er alles aan moeten doen om maar niet dichtgegooid te worden door een individuele actie van één ‘mafkees’.

Deze schrikbewinden in de Randstad krijgen helaas ook navolging in Nijmegen. Daar gaat het om potentiële discriminatie bij de ingang. In Nijmegen en (jawel) Amsterdam wil men met behulp van ‘mystery guests’ een einde maken aan het weigeren van allochtonen aan de deur. Ik ben het ermee eens dat je absoluut niet mag discrimineren, maar ‘mystery guests’ inschakelen vind ik uitlokking! Vervolgens moet je eerst je zaak sluiten en daarna wordt er pas door een rechter over geoordeeld? De schade is dan toch niet meer te overzien?

Last but not least keren we nog een keer terug naar Amsterdam. De gemeente publiceert een lijst met de namen van de vijftien grootste overlastgevers. Het moet niet gekker worden! Heksenjachten kwamen voor in de middeleeuwen, maar toch niet in de tijd van social media en de iPhone!?

Of kwamen de ambtenaren op het idee van ‘three strikes out-systeem’ tijdens het honkballen op een spelletjesmiddag?

Strelend Personeel | D.D. 20 augustus 2012

STELEND PERSONEEL

De schade voor winkeliers door medewerkers die een greep uit de kassa doen, magazijnbedienden die artikelen verduisteren en personeel dat zelf koopt zonder te betalen, is vorig jaar met €10 miljoen gestegen tot een verliespost van €180 miljoen. Dat blijkt uit het jaarverslag van de stichting Fraude Aanpak Detailhandel.

De ‘top drie’ van de interne criminaliteit luidt:
1. Privégebruik of diefstal van eigendommen of geld van de
onderneming;
2. Declareren van niet-gewerkte uren of het nemen van vrije
tijd zonder toestemming;
3. Privé-uitgaven declareren of meer declareren dan eigenlijk
is uitgegeven.

Het fenomeen sweethearting is volgens onderzoeken ook in trek (het laten stelen door geliefden, vrienden en bekenden van de werknemer terwijl hij een oogje dichtknijpt of samen werkt tijdens zijn dienst).

Zo heb ik ook mijn ervaringen met stelend personeel. De meest recente is tijdens de vierdaagse in Nijmegen waar ik veel extra mensen nodig heb om de buitenbarren te kunnen bemannen. Ik probeer zo veel mogelijk met eigen personeel te werken uit andere eigen filialen om stelen tegen te gaan, omdat ik denk dat ‘eigen mensen’ minder snel stelen dan mensen waar geen binding mee is.

Dan is het wel van ‘een koude kermis thuiskomen’ als nota bene jouw ‘personeelslid van het jaar’ van je steelt. Vervolgens keihard ontkent, niet wetende dat een politieagent in zijn vrije tijd aan zijn bar stond tijdens de vierdaagse en zag dat hij een briefje van €50 uit de kassa haalde en in zijn broekzak stopte. Bij onze vraag vervolgens om zijn zakken leeg te halen zat het briefje van €50 er wel toevallig in, terwijl in onze huisregels staat dat je geen geld op zak mag hebben tijdens je werk.

Het meest verschrikkelijke van dit verhaal is, is dat ik hem geholpen heb toen hij en zijn gezin per direct uit huis zouden worden gezet omdat ze drie maanden huurachterstand hadden. Ik heb toen spontaan de verhuurder gebeld en het geld overgemaakt zodat hij, zijn vriendin en kinderen niet op straat zouden komen te staan.

In een eerdere column van mij heb ik al eens geopperd om ook een zwarte lijst te introduceren in de horeca. Misschien nu eens tijd om zelf het initiatief te nemen!

Promopraatje | D.D. 15 juni 2012

Veel ondernemingen uit de Top 100 Grootste Bedrijven en Merken van Misset Horeca kunnen harder groeien dan ze afgelopen jaar gedaan hebben. Oorzaak: de terughoudende rol van banken. Het is heel moeilijk om aan geld te komen, zelfs voor de grootste horecabedrijven van Nederland. Dit concludeert Misset Horeca uit de ingevulde
vragenformulieren die potentiële kandidaten voor de ranglijst van de honderd grootste horecabedrijven terugsturen. De bedrijven geven aan dat ze geremd worden in hun
groei omdat de banken terughoudend geld verstrekken. Deze banken geven echter in de media de indruk dat er niets aan de hand is.

Sinds november 2009 registreert de Ondernemerskredietdesk klachten van ondernemers over het gedrag van banken bij het verlenen van krediet. Aan de hand daarvan is nu een top 5 van klachten samengesteld. Die luidt: mijn bank…
1. WEIGERT MIJ KREDIET TE VERLENEN
2. HEEFT MIJN BESTAANDE KREDIET INGETROKKEN
3. HEEFT HET BESTAANDE KREDIET BEPERKT
4. HEEFT EENZIJDIG DE KREDIETVOORWAARDEN GEWIJZIGD
5. HEEFT DE RENTE VAN HET BESTAANDE KREDIET VERHOOGD

Er is sprake van ‘structurele fricties’ in de fi nanciering van het mkb. Dat stelt een expertgroep onder leiding van voormalig ABN Amro-bankier Tom de Swaan. De commissie
deed in opdracht van demissionair-minister Maxime Verhagen van Economische Zaken, Landbouw & Innovatie onderzoek naar de beschikbaarheid van krediet voor het
mkb. Deze groep stelt in haar aanbevelingen daarom voor om alternatieve fi nancieringsbronnen serieus te onderzoeken, zoals het opzetten van een informele beurs voor mkbbedrijven als voorportaal van een beursnotering. Een andere optie is de markt voor onderhandse leningen opnieuw tot leven te wekken.

Een eerder citaat van Paul Dirken, directeur Bedrijven Rabobank Nederland: ‘Het mkb is en blijft de motor van de Nederlandse economie. Samen moeten wij ervoor zorgen dat de motor goed blijft draaien in deze turbulente tijd. De Rabobank ondersteunt het bedrijfsleven waar mogelijk met passende fi nanciële oplossingen. Wij doen dat in partnerschap met onze klant. Juist nu de situatie moeilijker is, blijven we zo lang mogelijk achter onze klanten staan.’

Dirken was ook uitgenodigd door Misset Horeca om een presentatie te doen voor de Top 100 Grootste Bedrijven. Zijn beste opmerking (een interne peiling onder de collega’s tijdens de borrel): ‘Zorg ervoor dat je nooit afhankelijk bent van de banken.’ Daarmee heeft hij zijn promopresentatie een beetje gered…

Veters strikken in testosteronwereldje | D.D. 24 april 2012

In mijn column van maart 2009 schreef ik onder andere: ‘Er is altijd een beleid geweest dat een agent een allrounder moet zijn. Een agent moet overal kunnen werken… Hier gaan ze de fout in! De top van de politie erkent niet de specifieke capaciteiten die een agent in het uitgaansleven moet hebben om goed te kunnen functioneren’.

En zie nu anno 2012: het openbare-ordeteam (OOT) van de Arnhemse politie, dat op stapavonden toezicht houdt op de Korenmarkt en omgeving, krijgt navolging in veel andere steden, maar niet in Nijmegen.

Het OOT gaat nadrukkelijk in een vast teamverband werken. Zij zijn er op gericht escalaties en vechtpartijen te voorkomen door alert en vroegtijdig in te grijpen. Elk teamlid heeft een eigen rol en er is sprake van een strakke onderlinge samenwerking. Daarnaast krijgt – tijdens de opleiding – ook de samenwerking met specialisten als bikers, beredenen en hondengeleiders aandacht.

In Nijmegen gaat het anders: als ik een positieve evaluatie heb met de teamchef van het centrum, worden ik en mijn portiers direct afgerekend in het weekend erna door de man daaronder, omdat ik gezegd heb dat we de man onder de teamchef niet vertrouwen en niet capabel vinden. Toch niet zo slim van mij om dat te zeggen natuurlijk in zo’n testosteronwereldje!

Onze portiers moeten de veiligheid garanderen van zeker vijfduizend stappers. Het aantal incidenten in Nijmegen is minimaal, ook volgens de cijfers. Maar als er iets gebeurd, wordt er direct ingegrepen: door alert en vroegtijdig in te grijpen voorkomen de portiers escalaties en wordt het slachtoffer ontzien zodat hij niet het ziekenhuis wordt ingeslagen door zijn belagers. En vervolgens? Kunnen onze portiers hun veters uittrekken en de cel in en wachten totdat ze gehoord worden omdat er een aangifte tegen ze ligt van NIETS!

Als ik dan vraag hoe dat mogelijk is, krijg ik als argument dat de recherche een andere afdeling is met andere agenten. Het is niet te hopen dat als de politie Nijmegen in het nauw komt, onze portiers toevallig hun veters moeten strikken en het net niet zien!

De zakkenvullers van buma/stemra | D.D. 24 februari 2012

Bij Buma/Stemra werken lieden die corrupt zijn tot op het bot’, zei een Kamerlid afgelopen december. Afgelopen jaar werd al eerder publiekelijk gesproken over ‘bestuurlijke krankzinnigheid’ en ‘zakkenvullers’. Een politicus van D66 deelde mee dat Buma/Stemra onder toezicht moet komen van de Nederlandse Mededingingsautoriteit (NMa). Er moet meer toezicht komen op de Bumatarieven voor de gebruikers van muziek in horeca.

Wij in de horeca maken muziek openbaar en daarom krijgen we te maken met zowel Sena als Buma/Stemra. Het verschil tussen Sena en Buma is: makers versus bedenkers van de muziek. De overeenkomst is dat wij in de horeca aan zowel Sena als Buma/Stemra veel geld moeten betalen!

In een interview met de Volkskrant uitte Hans Westbroek harde kritiek. Hij vond zelf, als bestuurslid van Buma/Stemra, dat Buma/Stemra onvoldoende transparant was. Hij zei dat er een gebrek is aan extern toezicht op het reilen en zeilen binnen de organisatie. Volgens Westbroek was er sprake van een ‘binnenbestuur’ en een ‘buitenbestuur’. De eerste groep, van ongeveer vijf personen, zou door de directie van alles op de hoogte worden gehouden, terwijl de overige bestuursleden overal buiten zouden worden gehouden. Hans Westbroek kreeg vanwege dit commentaar van Buma/Stemra een spreekverbod opgelegd.

Vervolgens blijkt uit het jaarverslag van 2010, waarin na enig aandringen voor het eerst de salarissen van de directieleden worden vermeld, dat Cees Vervoord, die Buma/Stemra in augustus verliet, voor acht maanden dienst €379.000 kreeg overgemaakt. De volgende directeur kreeg voor de resterende maanden van dat jaar €200.000 salaris. En de directeur juridische zaken van Buma verdiende in 2010 ruim €233.000. Bestuurder Jochem Gerrits van Buma/Stemra stapte op nadat hij in december in opspraak kwam door corruptie. In een uitzending van PowNews werd de integriteit van de bestuurder ter discussie gesteld. Uit een opgenomen telefoongesprek zou Gerrits een componist hebben aangespoord een zaak te starten vanwege het schenden van de auteursrechten waarbij Gerrits eenderde van het uitbetaalde geld zou krijgen! Kunt u zich voorstellen dat directievoorzitter Cees Vervoord bij zijn officiële afscheid werd benoemd tot Ridder in de Orde van Oranje-Nassau voor bewezen diensten?
Misselijkmakend, toch?

Afrekenen met ambtenaren en hun bodemloze put | D.D. vrijdag 4 november 2011

Van een culturele instelling, gerund met subsidiegeld, mag je verwachten dat het een verrijking is en wat (cultureels) toevoegt. Iets wat een gewone horecaondernemer
niet kan brengen, toch?

Een jaar geleden moest er weer €1 miljoen in ’s lands duurste poppodium, Luxor Live te Arnhem, gestopt worden omdat er een totaal mismanagement heeft laatsgevonden en er gebrekkig toezicht was van de gemeente. Er waren al vele miljoenen in gestopt en daarnaast was de gemeente al gewaarschuwd door een raadslid dat als de nieuwe lening op was in augustus, het popcentrum dan commercieel moest gaan programmeren om de begroting rond te krijgen. Wat zou leiden tot oneerlijke concurrentie met de horeca, zo stelde hij.

Wat gebeurt er nu, een jaar na dato: Luxor wordt volgeprogrammeerd met 90´s-feesten, Boogie Night´s (70’s en 80’s) – een concept dat in mijn Arnhemse zaak is begonnen – clubavonden met de dj Erick E´s van deze tijd en bedrijfsfeesten met de gemeente als gastheer.

Zonder blikken of blozen geeft de gemeente nu vol gas op de commerciële tour, over de rug van de horecaondernemers en onze belastingcenten, zonder overleg. We worden gewoon genegeerd door de betreffende wethouder en zijn ambtenaren. Hun argumenten, ten tijde van de realisatie van Luxor Live, horen we nu niet meer. Zij klommen toen hoog in de boom om het niet te verhuren aan een commerciële partij, die dan geen subsidie zou krijgen en het zelf moest gaan exploiteren. Eerlijke concurrentie. Nee, het speeltje Luxor was van hun, met onze belastingcenten. Zij zouden het wel gaan runnen met vrijwilligers. De weekeinden moesten vrij blijven voor bands uit Amerika als ze een tour hadden in Europa, zodat Luxor flexibel was om ze te programmeren, waren de argumenten toen.

En nu? Ik belde Koninklijke Horeca Nederland nog met de vraag hoe nu verder? ‘Ja, we praten’, was het antwoord. Daarnaast was het advies hier geen column over te schrijven (‘Dat schaadt onze communicatie met de gemeente’).

Wie rekent er nu af met de ambtenaren die voor deze bodemloze put gezorgd
hebben?

Het ‘picknick-gedrag’ tijdens evenementen! | D.D. 15 augustus 2011

Ik heb me deze vierdaagse-/zomerfeesten weer groen en geel geërgerd! Wat mij al eerder opviel – en wat deze editie van de vierdaagse alleen maar werd bevestigd – was dat onze gasten massaal bier bij de supermarkten inkopen, om vervolgens lekker met de blikjes naar ons gratis evenement te komen.

Supermarkten stimuleren een ‘overmatige’ bierconsumptie. Dit wordt gedaan, omdat uit wetenschappelijk onderzoek is gebleken dat een gemiddelde man massaal op deze bieracties afkomt. Hierdoor doet hij ook de ‘rest’ van zijn boodschappen (waar dus geen korting op zit). Hij (de man) is minder prijsbewust dan de vrouw. De andere boodschappen neemt hij dan ook automatisch mee, maar dan wel uit de schappen op ooghoogte! Dit zijn meestal de duurste artikelen. De bierkorting wordt dus gebruikt als lokkertje om de man de supermarkt in te krijgen.

De supermarkt is het grootste toevoerkanaal van bier. Ruim 70 procent van al het bier dat in Nederland wordt gedronken, bereikt via de supermarkt de klant. Bier is bijna wekelijks in de aanbieding. Diverse biermerken komen met hun normale kratprijs per liter of hun actieprijs zelfs onder de literprijs van een fles cola uit. Door dit structurele beleid van de supermarkten nemen onze gasten ons als horeca ook niet meer serieus. Omdat supermarkten een totaal verkeerd ‘prijsbewustzijn’ creëren, denken onze gasten dat wij onze zakken vullen!

Ik ben nu helemaal klaar met al die instanties die bij mij aankloppen over campagnes over alcohol in de horeca. Ik schop ze voortaan direct naar de supermarkten, met hun aandeel van 70 procent van de totale plas aan bier en prijzen onder de inkoop!

Als klap op de vuurpijl intervieuwt dagblad de Gelderlander na de vierdaagse een collega-ondernemer in Nijmegen over het ‘picknick-gedrag’ tijdens dit evenement. Zegt hij: ‘Maar de horeca moet de hand in eigen boezem steken’ over onze prijzen van €2,40 of €2,50 tijdens de vierdaagse. Met dit soort opmerkingen van collega-ondernemers wordt het tijd dat deze een spreekverbod krijgen naar de pers!

Interview Khalid Oubaha in Eigen! Magazine

Arnhem is het westen van het oosten

 

Hij hoorde dit jaar bij de vijf genomineerden voor de Misset Horeca Personality Award en zijn bedrijf nestelde zich nog steviger dan voorheen in de top-100 van Nederlandse horecaondernemingen. In 1998 pachtte Khalid Oubaha zijn eerste café in Nijmegen van Sjoerd Kooistra, die vorig jaar door zelfmoord om het leven kwam. Een dood die hem sterk aangreep, ondanks de talloze zakelijke conflicten die hij met deze horecatycoon uitvocht.

Dertien jaar later bezit Oubaha negen bedrijven op en rond de Arnhemse Korenmarkt, negen in Nijmegen en drie in Enschede. “Geld is alleen maar een rijtje cijfers, het gaat om kansen en mogelijkheden”, zo omschrijft hij zijn lol in het ondernemen. En om die kansen te pakken schuwt hij het conflict met collega’s en overheden niet. Nijmegen en Enschede zijn leuke steden, maar in Arnhem voelt hij zich echt thuis. Vooral op de Korenmarkt, “een parel van een plein, maar wel ernstig ziek”. Van de gemeente Arnhem, in het bijzonder wethouder Michiel van Wessem van economische zaken verwacht Oubaha geen medicijn, want die “zegt A maar doet B”. Hij neemt de genezing zelf ter hand. Vergroting van zijn zaken en verbreding van het publiek zijn daarbij steekwoorden.

Van barman tot horecatycoon

 

Hoe is die affiniteit met de horeca ontstaan?
Mijn ouders kwamen in 1971 vanuit Marokko naar Nederland en ik werd in 1972 geboren. Mijn vroegste jeugd bracht ik door op het Kanaleneiland want… (in lachen uitbarstend)… daar woonden we allemaal. Mijn vader werkte als monteur in een papierfabriek. Mijn middelbareschooltijd bracht ik door in Vianen en Nieuwegein en toen ik mijn vleugels begon uit te slaan, verhuisden we naar Maastricht. Ik ging daar bij MVV spelen, maar door een gebroken enkel raakte mijn voetbalcarrière in het slop. Ik ging bedrijfskunde studeren aan de KU Nijmegen. Een half jaar voor het afstuderen begon de horeca zo aan me te trekken dat ik niet meer aan de laatste loodjes toe kwam. Ik stond toen in café De Stoof achter de bar als bijbaantje en daar kreeg ik contact met Ton Lenting. Hij werd voor mij een goeroe voor de horecaaanpak. Hij werkte met powerpointpresentaties en spreadsheets, heel professioneel en bedrijfsmatig. In die tijd leerde ik ook Sjoerd Kooistra kennen, die De Drie Gezusters verpachtte aan zijn zwager. Op het moment dat het daar mis ging, ben ik erin gesprongen.

Wist je met wie je te maken kreeg?
Ja, maar ik geloofde in mezelf en dat was genoeg. Kooistra’s zwager betaalde 25 procent van de omzet als pachtsom, ik moest 30 procent betalen en later zelfs 33 procent. Door die tent te reorganiseren trok ik de omzet van 2,5 naar tien miljoen per jaar. En ik zat boven op de cijfers. Kooistra werkte met pachters die soms pas na een half jaar hun cijfers kregen. In het slechtste geval keken ze dan opeens tegen een schuld van een paar ton aan. Dan sta je met je hoofd in de strop en bepaalde Kooistra wanneer hij de stoel onder je vandaan trok. Ik zorgde er in ieder geval voor dat mijn variabele kosten laag bleven en deed de zaak op de piekmomenten open zodat je de maximale omzet draaide met relatief lage kosten. Maar eerlijk is eerlijk, met de kennis van nu zou ik het nooit meer gedaan hebben. Ik heb veel geluk gehad.

Je hebt daarna jarenlang conflicten met Kooistra uitgevochten, in de publiciteit maar ook voor de rechter. Wat doet het jou dat je tegenstander zelfmoord pleegt als hij op de rand van een bankroet staat?
Als mens vind ik dat een tragedie. Ik heb er echt last van gehad. Het liet me niet los, ik dacht er steeds over na wat hem heeft bewogen. Je kent de piramide van Maslov wel waarin de menselijke behoeften in een hiërarchie zijn gerangschikt. Er zijn mensen die daarin zijn doorgeschoten en niet de nodige stappen terug kunnen doen naar het eerste stadium, waar je moet zorgen voor je eten en drinken. Die blijven hangen in hun behoefte aan prestige en hun trots. Kooistra was ooit heel vermogend en machtig maar zijn zakelijke positie was er ten slotte een van dweilen-met-de-kraan-open. Heel triest. Hij leefde in een eigen werkelijkheid en omringde zich met jaknikkers. Dan ga je in je eigen verzinsels geloven.

Hoe zorg jij ervoor dat je niet die valkuil terecht komt?
Ik zoek mensen om me heen die me de oren kunnen wassen. Dat zijn zowel zakelijke relaties als familieleden en vrienden. Zij drukken me met de neus op de feiten. Kontenkruipers moet je mijden. Goed ondernemerschap wordt vaak met succes in verband gebracht. Maar dat is niet altijd het geval. Het gaat erom dat je de juiste stappen kunt nemen bij goede tijden en slechte tijden. Primair staat: zorg dat je altijd financieel overzicht hebt en weet wat er gebeurt in je bedrijf, van de werkvloer tot het management. En zorg dat je daar grip op hebt en houdt.

Geld is maar een cijfer

 

Hoe ben je eigenlijk in Arnhem beland?
In 1999 pachtte ik van Kooistra dus De Drie Gezusters in Nijmegen. Daar kwamen de Groote Griet en Heidi’s Skihut bij maar opeens móest ik een andere zaak overnemen: De Stoof. Kooistra heeft me daartoe gedwongen onder het motto ‘voor wat hoort wat’. Van die afhankelijkheid heb ik toen mijn lesje geleerd. Via een stroman kocht ik mijn eerste eigen zaak: Vergane Glorie op de Korenmarkt. Dat pikte Kooistra niet want hij vond dat ik niets zonder hem mocht doen. Hij heeft daarop de brouwerij onder druk gezet, want zo machtig was hij in die tijd, en hij heeft zich tussen de brouwerij en mijn zaak proberen te wurmen. Uiteindelijk is dat niet gelukt omdat ik dezelfde hectoliterkorting kreeg als Kooistra en nee tegen Kooistra heb gezegd in overleg met de brouwerij. Goed, ik had dan wel mijn eigen zaak in Arnhem, maar ik vreesde daarna wel dat hij me mijn cafés in Nijmegen uit rancune zou afnemen. Ik heb toen mijn tanden laten zien. Ik belde met de oude Max Moskovitch, de vader van, ja. Die schreef een brief van één alinea met een waarschuwing aan Kooistra. Dat kostte me wel 3.500 gulden, maar het werkte. Alles liep met een sisser af. Alleen
noemde Kooistra me vanaf toen ‘Bram’.

En dat was het begin van een stormachtige ontwikkeling?
Vanaf toen ging het snel, ja. Ik saneerde de Vergane Glorie van een eetcafé naar een feestcafé. Dat leverde meteen zo’n 20 procent minder kosten en 15 procent meer omzet op. En ik kocht ook een zaak in Enschede. Dat betekende véél overleg met drie overheden, véél regelen met drie politieorganisaties, de opbouw van drie netwerken. Ik had meer uitbreidingsambities, Maastricht, Utrecht enzovoorts, maar dan moest ik de controle loslaten. Dat wilde ik niet dus ik besloot me te focussen op deze drie steden en die uitgaanspleinen. Waarom zou je meer dan vijf zaken hebben? Daar heb je toch genoeg aan voor een goeie boterham? Het gaat niet om geld, geld is maar een cijfer. Je hebt ook een visie en een strategie. Daarnaast wilde ik mijn positie verstevigen, zodat de continuïteit wordt gewaarborgd. De afgelopen tien jaar stonden in het teken van de kwantiteit, ik ga nu een kwalitatieve slag maken. Daarom blijf ik in Arnhem ook geconcentreerd op de Korenmarkt.

Jij kwam dus op de Korenmarkt in 2000. Hoe zag die er toen uit?
Je had toen nog de militairen die op donderdag uitgingen en er waren veel meer hbo-studenten. De militairen zijn bijna allemaal weg en het hbo is sterk teruggelopen of naar Nijmegen verhuisd. Het treinstation was toen nog niet afgebroken, het busstation lag daar nog vlak voor, dus de Korenmarkt lag op de doorgaande route naar de stad. Bij elkaar zijn de omstandigheden een stuk verslechterd.

Arnhem op de schop

 

Hoe ziet jouw ideale Korenmarkt eruit?
Sowieso zou de Rijnstraat een flinke upgrade moeten hebben. Daar sla je bij de blikken bioscoop af en moet je eerst door die Gazastrook lopen, waar allerlei shoarmaboeren hun slag willen slaan. Die zaken zijn overdag allemaal dicht, dus dat is niet gezellig als je aan het winkelen bent. En parkeren is ook een ramp daar. Eigenlijk zou je in de blikken bioscoop een soort Bijenkorf moeten zetten, dan wordt het interessant om daarnaast kledingzaken, schoenenzaken of wat ook te beginnen, zodat deze straat ook een winkelfunctie krijgt en aansluiting vindt met de Korenmarkt. Kijk eens naar het Vrijthof in Maastricht dat een perfecte aansluiting heeft op de winkelstraten en parkings. En van de gemeente zou je verwachten dat ze het planologisch zo regelen dat horeca, winkelgebied, parkeren en een cultureel aanbod in elkaar overlopen. Door de huidige locatie van busstation en treinstation wordt het publiek via de Jansstraat naar het centrum gedirigeerd. De Korenmarkt blijft daardoor geïsoleerd. Er zou een doorbraak moeten komen die het nieuwe station in één rechte lijn met het centrum verbindt. Via de Korenmarkt dus, gewoon de wet van het olifantenpaadje volgen. En aan dat verschrikkelijke filmhuis moet iets gebeuren. Waarom zou je dat niet steen voor steen afbreken zoals het met dat stationspostkantoor is gebeurd en elders weer opbouwen? Dan krijg je één groot plein, dat is veel aantrekkelijker.

De Korenmarktexploitanten hebben onderling regelmatig de grootste bonje. Als die het al niet met elkaar eens zijn, hoe kun je dan tot zaken komen? Op Koninginnedag vorig jaar werd je geconfronteerd met een bierprijzenoorlog, waardoor je je gedwongen zag om alle optredens op Hemelvaartdag te cancelen.
Het zijn allemaal ondernemers en je onderneemt alleen als je eigenzinnig bent, met een eigen visie. Iedereen kijkt naar zijn eigen toko, denkt aan zijn eigen hachie. Het is vaak een wirwar van belangen en sympathieën zoals het ook geldt voor andere branches waar ondernemers op elkaars lip zitten. Koninginnedag van vorig jaar was inderdaad een dieptepunt. Maar je hebt elkaar toch weer nodig en we hebben de strijdbijl begraven. Er is nu weer één vereniging die de strategische randvoorwaarden in de gaten houdt.

Wethouder Michiel van Wessem heeft toegezegd daar een onderzoek naar in te instellen. Wat verwacht je daarvan?
Van Wessem praat met een dubbele tong. In de vergadering bijvoorbeeld over Luxor zegt hij A en vervolgens doet hij B. Als je de culturele functie van Luxor financieel ondersteunt, moet je ze genoeg geven om het hoofd boven water te houden. Maar nu zitten ze toch in ons vaarwater met een commerciële programmering omdat ze simpelweg te weinig krijgen. De Korenmarkt heeft duidelijkheid en daadkracht nodig. We weten allemaal wat eraan schort en daar moet snel op gereageerd worden in plaats van eeuwige vergaderingen en herhalingen van zetten. Een VVDwethouder moet beter weten. Geef anders toe dat geen er doorbraak komt, omdat er geen geld is, dan weten we waar we aan toe zijn. Maar verschuil je niet achter onderzoeken en rapporten waarvan de uitkomst op een bierviltje past. Ik raak geregeld in conflict en soms creëer ik ook een conflict om iets te bereiken. Bijvoorbeeld om de onzinnigheid van bepaalde regelgeving aan de kaak te stellen. Dat je pas op 1 maart je terras mag openen terwijl er half februari al een stralende zon is en iedereen buiten wil zitten. Dan gooi ik het terras open en krijg ik een boete van €500,- maar er wordt wel metéén in de gemeenteraad over gepraat. En niet een half jaar later.

Interview in eigen! Tekst Jac Toes en Henk Meutgeert, fotografie Ron Steemers. www.eigen-media.nl

Rat van een kwaliteitsmanager! | D.D. Maandag 4 juli 2011

Op een gegeven ogenblik merkte ik dat we in de organisatie behoefte hadden aan iemand die de
horecadirecteur en de bedrijfsleiders ondersteunt en helpt om de kwaliteit in de bedrijven op te schroeven. Vol verwachting een kwaliteitsmanager aangenomen. Een salaris van €5000 bruto per maand, exclusief vakantiegeld en exclusief vakantiedagen en natuurlijk een dikke auto onder zijn kont. Na een paar maanden kwam ik tot de conclusie dat het niet functioneerde. De reden: als je een serie trainingen geeft, is het belangrijk na zo’n sessie te monitoren en vervolgens met dezelfde groep de next step te zetten. Anders verdwijnt het geleerde weer snel. Hieraan kwam de kwaliteitsmanager niet toe omdat, volgens hem, de vijftien bedrijven te veel waren om intensief mee bezig te zijn.

Vervolgens heb ik hem alleen verantwoordelijk gemaakt voor Nijmegen, om het voor hem kleiner en overzichtelijk te maken. Maar ook dit was, bleek later, te veel voor deze kwaliteitsmanager. Twee problemen had ik al wel geconstateerd bij deze man van de oude horecastempel: hij kon niet van de alcohol en van het vrouwelijk personeel afblijven. Weekenden kwam ik hem niet tegen of hij was dronken.

Vervolgens meldt hij zich ziek. De bedrijfsarts constateerde energetische- en concentratieproblemen en verwachtte dat het verzuim nog wel een aantal weken zou duren. Hierop heb ik zijn zakelijke e-mail gecontroleerd op lopende zaken.

Wat bleek: hij bleek al een ruim een jaar lang voortdurend, zowel in als buiten werktijd, nevenwerkzaamheden te verrichten. Sterker, hij stuurde mij op diverse momenten zelfs berichten dat hij weg moest of last had van zijn rug, of zwak en misselijk was terwijl hij op die momenten wel bezig was met het uitvoeren van nevenwerkzaamheden. Meneer had een eigen training- en adviesbureau opgestart in mijn tijd. Tientallen externe opdrachten voor duizenden euro’s.

Gelukkig stond in zijn contract dat nevenwerkzaamheden zonder voorgaande en schriftelijke toestemming van de werkgever verboden was. Dit leidde tot ontslag op staande voet! De kantonrechter oordeelde dat door de aard van de (management-) functie en de daarbij behorende salariëring een volledige inzet mocht worden verwacht. ‘Ratten moet je met rattengif bestrijden!’

Koninginnenacht/-dag | D.D. 12 mei 2011

Het blijft vechten in Nijmegen: dat je als ondernemer van een evenement je nek uitsteekt en de gemeente daarmee eigenlijk heel blij moet zijn!

Utrecht wil de komende jaren zijn nationale positie als evenementenstad behouden, op internationaal gebied evenementen gebruiken om beter op de kaart te komen en lokaal het draagvlak voor evenementen vergroten. Dit zijn letterlijk de drie voornaamste doelen uit de ‘Nota evenementen en festivals in Utrecht’.

Utrecht ziet zich de komende jaren voor een aantal grote uitdagingen gesteld. De kredietcrisis heeft naar verwachting zijn weerslag op de financiering van festivals en evenementen. Organisatoren zullen moeilijker sponsors vinden of aanspraak kunnen maken op fondsen.

De nota volgt hierbij twee hoofdlijnen. De eerste lijn geeft inzicht in het gehele proces van de organisatie rond evenementen. Deze basis dient goed op orde te zijn. Professionalisering in kennis en dienstverlening staan centraal.

De tweede lijn van de nota gaat in op de ambities van Utrecht op het gebied van festivals en evenementen. Hoe kunnen deze beter worden ingezet voor de versterking van het merk Utrecht? Professionalisering in marketing, communicatie en promotie en samenwerking met partners in de stad spelen hierbij een belangrijke rol.

Wethouder Stadspromotie Floris de Gelder benadrukt: ‘Spraakmakende, authentieke evenementen en festivals kunnen in deze periode juist een positieve bijdrage leveren aan het imago en de naamsbekendheid van Utrecht. Ze dragen bij aan de leefbaarheid, versterken de sociale cohesie en leveren ook werkgelegenheid en economische activiteit op.’

Heel anders gaat het in Nijmegen. Waar een gemeenteraadslid twittert (het verbaasde mij al dat hij twittert) hoe het toch kan dat in de straat waar het evenement plaatsvindt, beveiliging staat? Het is toch openbare ruimte en daar mag niemand worden tegengehouden, twitterde hij. Meneer het gemeenteraadslid, als u er eens voor zorgt dat de supermarkt achter het podium wordt aangepakt, van waaruit containers alcohol in glas naar buiten komen (terwijl ik in plastic moet schenken) en als u eens de kinderen van 13 en 14 met flessen sterke drank tegenhoudt, dan kan ik de kosten van twintig man beveiliging in mijn zak houden! Of wilt u dat we met Koninginnedag lekker gaan picknicken? Misschien toch maar een cursus volgen in Utrecht?

Carnaval in nijmegen (knotsenburg) | D.D. 25 maart 2011

CARNAVAL in Nijmegen is ‘vlees noch vis’. Voor mij als ondernemer is het de slechtste week van het jaar. Het is schrijnend om te zien hoeveel Nijmegenaren elders carnaval gaan vieren. Denk aan Oeteldonk (’s-Hertogenbosch) en omliggende dorpen en steden. Stichting Openbaar Carnaval Nijmegen (SOCN) heeft de verantwoordelijkheid voor het ontwikkelen, faciliteren en stimuleren van de viering van het openbaar carnaval. Maar wat deze stichting vooral kenmerkt, is het ontbreken van daadkracht en vriendjespolitiek. We missen de doelgroep tussen 18 en 35 jaar. Deze mensen wordt te weinig geboden, en er wordt geen aandacht op gevestigd. Carnaval in Knotsenburg vergrijst heel snel.

Dit blijkt vooral uit het feit dat ik er de laatste vier jaar alles aan heb gedaan carnaval nieuw leven in te blazen door een voorstel te doen aan de stichting én alle carnavalsverenigingen. Carnaval moet vooral weer in de kroegen plaatsvinden, in plaats van in lelijke, grote tenten. Ik heb deze stichting
nodig om een sneeuwbaleffect te creëren.

Ik was bereid een grote programmering te doen, zowel buiten als binnen. Aangepaste bierprijzen, lees: de scherpste prijzen ten opzichte van de huidige deals die zij hebben, en een fi nanciële bijdrage aan de stichting. Al mijn bedrijven, acht op een rij in het centrum, zouden meedoen. Je zou zeggen: met z’n voorstel ga je in ieder geval aan tafel om het te bespreken. Maar wat schetste mijn verbazing? Men kwam niet eens aan tafel, maar koos voor concertgebouw De Vereeniging. Een deal die stukken minder was, en een locatie uit het centrum en zonder verbinding met de horecaconcentratiegebieden! Wat was de reden?? ,,We gaan toch geen carnaval vieren bij een Marokkaan!’’

Zo citeer ik de prins van dit jaar in Nijmegen: ,,Eigenlijk is een prinsenkabinet een afspiegeling van het carnaval: samenwerken, samen denken, samen doen en vooral samen plezier maken. Laten we daarom kijken naar wat ons verbindt en niet naar wat ons scheidt, daarin wil dit Prinsenkabinet u graag voorgaan.’’ De volgende keer moet ik me – denk ik – maar beter schminken tijdens de besprekingen! Ik zou zeggen: 3 x Alaaf: Alaaf, Alaaf, Alaaf!

Het stadsdebat | D.D. 11 maart 2011

Het Arnhemse stadsdebat, hoe zat het ook alweer? Het begon ooit met een idee voor een plaatselijk debatcentrum. Het streven van de plaatse lijke politiek om meer met het gezicht naar de stad te gaan staan.

Besloten werd één onderwerp (de toekomst van de Korenmarkt) goed ‘uit te diepen’ en de avond zoveel mogelijk ‘voor te produceren’ door op zoek te gaan naar geschikte gasten. Een oproep in De Gelderlander leverde bijvoorbeeld een gast op die recent embedded bij de politie onderzoek deed op het uitgaansplein, en zo waren er meer sprekers. Het goed ‘uitdiepen van het onderwerp’ Korenmarkt in het stadsdebat georganiseerd door de politiek met publiek, bracht mij in alarmfase ‘Code rood’! Dit soort liveshows zijn er meestal voor de politiek om punten te scoren! Het gevaar van publieke discussies is ook dat er een bepaald volk op afkomt dat nog nooit op locatie is geweest of geen kennis van zaken heeft, maar wel graag een mening ventileert.

Alle stellingen deze avond waren subjectief en niet met onderzoeken onderbouwd. Men bleef praten over bijzaken of gevolg van gevolg, maar de kern werd nooit bereikt. Wat die kern is: een goed horecagebied moet deel uitmaken van de andere functies in de binnenstad, zoals winkelen, en daarmee worden verbonden door goede, vloeiende looproutes. Voor de Korenmarkt geldt echter het tegenovergestelde: alle looproutes worden eromheen geleid. De enige straat die de winkelstraat verbindt met de Korenmarkt huisvest een tiental shoarmazaken, ‘klein Palestina’ in de volksmond, die overdag gesloten zijn. Zelfs met een pistool op je hoofd loop je liever niet door deze verpauperde straat! En dan hebben we het nog niet eens over het Centraal Station, waar al bijna acht jaar aan wordt gebouwd en dat nog steeds niet af is.

Uiteindelijk is door eigen inbreng de conclusie van de avond: er moet een vergelijkend onderzoek komen naar succesvolle uitgaanscentra in Nederland en de Korenmarkt in Arnhem, en niet naar waarom ‘Mien van 50’ niet meer achter de bar staat. Misschien dat ze dan beseffen wat moet gebeuren!

Holland casino | D.D. 14 januari 2011

De jaarlijkse award-uitreiking in stijl, georganiseerd door Venuez, is een topinitiatief dat onze bedrijfstak in een mooi daglicht plaats. De awards werden uitgereikt in diverse categorieën. Eén categorie viel mij dit jaar direct op: interior design of the year. Wat mij verbaasde was een van de genomineerden: niet de mooie bedrijven De Machinist (Rotterdam), Pure C (Cadzand) en Zenden hotel (Maastricht), maar Holland Casino Rotterdam!

In mijn column van 24 februari 2006 schreef ik: ‘De laatste jaren heeft de overheid er alles aan gedaan gokkasten uit de horeca te krijgen. Onder het mom dat gokverslaving dient te worden tegengegaan’.

Wat flikt Holland Casino nu? Het bedrijf haalt artiesten binnen met de policy ‘gratis een optreden’, om vervolgens de zakken van de gast leeg te kloppen aan de speltafels en de gokkasten. Wat is de filosofie hierachter? Wie wil ze hiermee het casino in trekken? Toekomstige jonge gokverslaafden voor wie het casino tot nu toe te hoogdrempelig was? Terwijl dat toch juist het doel was van het beleid.

Wat moeten we hiervan verwachten? De grootste artiesten, zoals Marco Borsato (€80.000,- per optreden) laten optreden in het casino, dat voor de gelegenheid gratis toegang biedt? Drinken voor de helft van de prijs? Gratis onbeperkt eten? Dit allemaal over de rug van de horeca. Speltip 6: spreid je win(st)kansen! Holland Casino, een mooie omgeving om (onder)uit te gaan.

Gelukkig klinkt uit de hoek van de PvdA een ander geluid: ‘De overheid moet Holland Casino verkopen als het gokbedrijf zich blijft ontwikkelen tot een grootschalig entertainmentbedrijf’. Met steeds meer nevenactiviteiten zou het bedrijf mensen verleiden tot gokken. PvdA-Kamerlid Bouwmeester zegt dat dit haaks staat op het overheidsbeleid. Ze benadrukt dat Holland Casino onder meer in het leven is geroepen om gokverslaving te voorkomen.

Terug naar de avond van de award-uitreiking. The winner of Best interior design of the year is? Holland Casino Rotterdam! Het is toch wrang dat je valse concurrent een mooie venue kan bouwen met jouw belastingcenten!

Antibeleid | D.D. 27 augustus 2010

Antibeleid

Wat zijn we geschrokken van de schietpartij tijdens Rio aan de Rijn. Het Caribische feest in Arnhem eindigde in een drama. Bij een schietpartij raakten drie mensen gewond. Een van hen, een 48-jarige Hagenaar, werd in het hoofd geraakt. Hij overleed later aan zijn verwondingen. Wat kun je als organisator doen om je tegen dit soort incidenten te ‘wapenen’? Helemaal niets. Het gevolg van zo’n incident zal zijn dat een aantal ‘geleerden’ op het gemeentehuis en politiebureau met nog meer belachelijke eisen komt voor het organiseren van evenementen.

EISEN
Wat dat betreft is mijn ervaring rond het afgelopen WK Voetbal met de gemeente en de politie in Nijmegen er weer een om snel te vergeten. Mijn vergunning werd pas verstrekt drie dagen voor aanvang van het evenement, terwijl mijn aanvraag al in januari bij de gemeente lag. Vervolgens kwamen de eisen van de gemeente en politie. Geen glas: logisch zou je zeggen, maar dan moeten ons ook de tools worden gegeven om daarop te mogen controleren. Dan kan er dus niet worden gesteld dat je niet mag fouilleren en dat alle toegangen vrij moeten zijn, wat controle op glas onmogelijk maakt. De bezoekers kopen massaal in bij supermarkten bij dit soort evenementen, om vervolgens de drank te nuttigen op je terras of ermee te gooien als de wedstrijd niet volgens plan verloopt. Eis twee: tweeduizend man maximaal, binnen en buiten. De capaciteiten in al mijn zaken is echter zesduizend man, op een andere vergunning. Verder: verplicht vijftien portiers, die ook nog eens moesten voldoen aan andere kledingvoorschriften dan gewoonlijk. De schermen mochten absoluut niet zichtbaar zijn vanaf de straat. Hierdoor moesten er minimaal twee schermen bij, en ook nog eens kleinere dan die we hadden besteld een jaar geleden. En dat drie dagen van tevoren! Duizenden euro’s schade. Tot slot ook nog verplicht een aantal EHBO’ers. En vervolgens tijdens de wedstrijden massale controle door de gemeente. Je hebt dan vooral te maken met types die in rang van een ‘stuiver naar een kwartje zijn gegaan’ en denken dat je zakken vult.

Tekorten bijpassen | D.D. 3 december 2010

In mijn column van 17 april 2009 over subsidiegeld dat gemeentes geven aan zogenaamde culturele poppodia, zoals Luxor Live in Arnhem, sloot ik af met: ,,De genoemde instellingen concurreren rechtstreeks met horecabedrijven die in hetzelfde marktsegment actief zijn. Het betreft weliswaar zelfstandige instellingen ‘op afstand’ van de gemeente, maar er blijft altijd een onderlinge subsidierelatie. Als de exploitatie weer eens tegenvalt of in de gebouwen moet worden geïnvesteerd, dan wordt al te gemakkelijk (meestal voor vele miljoenen) een beroep op de gemeente gedaan en worden de tekorten telkens weer bijgepast.’’ Nu, bijna twee jaar verder, moet er inderdaad weer voor miljoenen in ons zogenaamde culturele poppodium Luxor Live gestopt worden omdat er totaal mismanagement heeft plaatsgevonden. ,,De tekorten bij popcentrum Luxor Live zijn veroorzaakt door grondig mismanagement en gebrekkig toezicht door de gemeente. Dat stelt raadslid Ton van Beers van Pro Arnhem. Hij staat daarom zeer kritisch tegenover het collegevoorstel om Luxor Live een lening van een miljoen euro te verschaffen. ,,Die gemeentelijke lening vervangt de lening die Luxor Live eerder bij een bank had afgesloten wegens liquiditeitsproblemen’’, zegt Van Beers. ,,Ik heb grote twijfels of we dat geld ooit terugzien.’’ Het toezicht per kwartaal, zoals het college voorstelt, noemt Van Beers veel te mager. ,,Gezien het verleden vind ik dat de gemeente er bovenop moet zitten.’’ Volgens raadslid Van Beers kleeft er bovendien een groot bezwaar aan de aflossingsverplichting waarmee Luxor Live door de miljoenenlening wordt opgezadeld. ,,Ik ken dat van heel vroeger nog bij Willemeen (een culturele instelling). Dan was in augustus het geld op en klonk er de rest van het jaar alleen nog commerciële disco’’, zegt hij. ,,Dat risico zie ik bij Luxor ook. Het popcentrum moet straks commercieel programmeren om de begroting rond te krijgen. Dat leidt tot oneerlijke concurrentie met de horeca.’’ Deloitte & Touche, dat de financiële problemen bij Luxor Live ook onderzocht, concludeerde dat er sprake was van tekortkomingen in de organisatie. Stop ermee, zou je zeggen. Maar ook dat is geen optie, want als de gemeente er geen geld meer instopt, is de schade nog groter! Wordt vervolgd.

Nieuw regeerakkoord | D.D. 8 oktober 2010

ECONOMIE
• De aanpak van administratieve lasten en regeldruk. Ruimte voor ondernemerschap. De kwaliteit zit meer in slimme vernieuwing dan in regels en geld.
• Vergunningen. Geen tijdige beslissing op aanvraag vergunning betekent dat de vergunningis verleend. Dat zal leiden tot meer algemene regels in de APV. Het geeft helderheid.
• Onveranderde regels rond koopzondag. Meer winkelend publiek is ook meer horecabezoek. De aantrekkingskracht van attracties blijft in evenwicht. De subsidies voor podiumkunsten staan tegenover btw-verhoging tot 19 procent voor podiumkunsten en kunst. De btw op commerciële attracties blijft 6 procent.

Gezondheid

• ‘Horeca’ met minder dan 70 m2 bedrijfsruimte wordt van het rookverbod ‘vrijgesteld’. Het is onduidelijk hoe en voor welke horeca dat precies gaat worden geregeld. Voor de meeste horeca blijft het rookverbod gewoon gelden. Het recht op een rookvrije werkplek voor werknemers blijft verder onaangetast.

Veiligheid

• De veiligheidskosten voor vergunningplichtige commerciële evenementen van incidentele aard worden doorberekend. Dat kan – weer – oneerlijke mededinging geven met niet-commerciële evenementen en lokale willekeur. Ik heb hier mijn vraagtekens bij. Ik vind openbare orde, veiligheid en (kosten van) handhaven kerntaken van de overheid.
• Grensoverschrijdend gedrag van risicojongeren wordt teruggedrongen en aangepakt, o.a. door snelrecht en night courts. De aanpak is verder gericht op resocialisatie van de dader ten behoeve van onderwijs en arbeidsparticipatie. Ouders worden ook meer en eerder verantwoordelijk gehouden.
• De rol van slachtoffers wordt versterkt en er komt een aanwijzing voor OM en politie dat personen die zich in eigen huis of bedrijf verdedigen tegen overvallers en inbrekers, niet worden aangehouden, tenzij… De capaciteit bij de politie wordt vergroot.

Conclusie:

Waar het uiteindelijk om gaat in onze bedrijfstak wordt niet benoemd! De huurprijzen die te hoog zijn, door jarenlange systematische opdrijving. Geen transparantie van inkoopprijzen. Bindingen in het huurcontract. Het wordt tijd voor een eigen politieke partij, zoals die voor de dieren!

Met de pet rond | D.D. 11 juni 2010

MET DE PET ROND

De Belangenvereniging Korenmarkt heeft jarenlang de evenementen georganiseerd op het gelijknamige Arnhemse plein. Eigenlijk ging het om slechts één evenement: Koninginnedag. Dat ging dan als volgt: twee tot drie weken voor Koninginnedag ging men met de ‘pet’ rond om geld in te zamelen, met daarbij de dreigende mogelijkheid dat het niet doorging als er niet voldoende geld werd opgehaald. Uiteindelijk kwam het altijd rond, maar het organiseren van andere evenementen heeft de belangenvereniging nooit voor elkaar gekregen.

Ik heb altijd kritiek gehad op deze manier van werken. Op een bepaald moment werd ik benaderd met de vraag of ik de evenementen wilde organiseren, en de schuld van de Belangenvereniging Korenmarkt wilde overnemen. Ik was geïnteresseerd en uiteindelijk hebben we er afspraken over gemaakt. De afspraken hielden in dat ik structureel evenementen zou gaan organiseren op eigen kosten. Wat voor mij daarbij natuurlijk belangrijk was, waren de bierprijzen. Het kan volgens mij niet zo zijn dat anderen je dan gaan beconcurreren op die prijzen tijdens evenementen.

Ik ben met mijn mensen aan de slag gegaan en de afgelopen drie jaar hebben wij het voor elkaar gekregen om naast Koninginnenacht een dag met club-dj’s, Hemelvaartsnacht, een dag met Nederpopbands, Rio aan de Rijn – het Zuid-Amerikaans feestje – een Big Band-Festival en de ijsbaan (vijf weken) tijdens de kerstdagen in het leven te roepen.

Ik denk dat het een topprestatie is geweest, en dat zonder dat de ondernemers een bijdrage hoefden te leveren. Ik heb dit kunnen doen omdat we als organisatie meerdere evenementen organiseren, waardoor we groot kunnen inkopen en daardoor de kosten enorm kunnen drukken. Een negatieve bijkomstigheid is crowd control, iets dat veel tijd en politiek nodig heeft.

Je zou verwachten dat iedereen tevreden zou zijn met de geleverde prestaties. In plaats daarvan gingen collega’s op nota bene de drukste dag en nacht van het jaar, wanneer je voor een biertje zelfs €5,- kunt vragen, echter bier verkopen met de aanbieding zes voor €10,-! Het wordt tijd dat de oude ‘pet’ weer uit de kast wordt gehaald!

EK 2008 D.D. | 27 juni 2008

Voor het EK 2008 wilden we schermen plaatsen op de Korenmarkt in Arnhem en in de Molenstraat in Nijmegen. In het laatste geval heb ik even getwijfeld, omdat er bij vorige voetbalevenementen hevige rellen waren uitgebroken. Na overleg met politie en gemeente zijn we er echter toch voor gegaan. In Arnhem had ik een ander probleem: mijn collega-ondernemers geloofden er niet in. Ze hadden pas vertrouwen in een scherm voor de halve finale en finale. En dus deed ik het alleen, op eigen kosten. Misschien dat ik ze zou kunnen overtuigen na de eerste wedstrijd.

Die eerste wedstrijd was spannend. Zou het publiek komen? In Nijmegen en Arnhem hadden we allemaal  stoelen geplaatst, zodat men zittend kon kijken naar de wedstrijd. Wat tijdens dat eerste duel gebeurde, was ongelooflijk. Het publiek kwam van alle kanten, zowel in Nijmegen als in Arnhem. De stoelen werden aan de kant gezet of opgestapeld, iedereen wilde een plek. De wedstrijd maakte natuurlijk de rest af. Met zo’n uitslag, en vooral de manier waarop, konden de dj’s in arnhem en Nijmegen de bal inkoppen en barstte het feest los. Kippenvel toen duizenden mensen meezongen en een feestje vierden.

Op naar het tweed duel.Het enige dat mij erg tegenviel, was de omvang van de eigen consumpties die het publiek  meenam. Toevallig had ik het erover in mijn vorige column, maar het is tijdens de wedstrijden ónze wedstrijd geweest om dat in de kiem te smoren. Helaas was het dweilen met de kraan open.Tegenover mijn locatie in Nijmegen is een vestiging van Super de Boer, een avondwinkel nog wel. Daar werden de schappen gewoon geplunderd, echt geplunderd. De mensen kwamen er vóór de aftrap en in de rust met zakken vol boodschappen uit de winkel. Flessen wijn, kratten bier en vele blikjes, om er vervolgens een tafel op ons terras uit te pakken. De kratten bier ónder de tafel en de chips boven óp de tafel. Nooit eerder gedacht aan het overnemen van een supermarkt.

In het nieuws | D.D. 2 oktober 2009

Nijmegen wist de afgelopen twee weken weer publicitair te scoren. De politie moest veel extra manschappen inzetten tijdens het Reloaded-festival op de Goffertweide. Omstreeks zeven uur dreigde het er volledig uit de hand te lopen wegens vele vechtpartijen, vaak als gevolg van overmatig drank- en drugsgebruik.

In mijn ogen tegenwoordig het excuus voor het falen van de openbare orde en het veiligheidsbeleid. Ik ga verder, want het gevolg hiervan was dat het muziekfeest Citydance een week later werd afgelast. Zowel de Nijmeegse politie als het hoofd beveiliging adviseerde Thom de Graaf, de burgemeester van Nijmegen, om het gratis feest niet te laten doorgaan. De woordvoerder van De Graaf zei letterlijk: ,,Tal van relschoppers hadden aangekondigd zaterdag terug te komen.’’ Hij spreekt van keiharde signalen over de komst van die relschoppers. Onbegrijpelijk voor iemand met gezond verstand: als je weet wie de relschoppers zijn en je hebt keiharde signalen, waarom worden deze gasten dan niet van hun bed gelicht? Blijkbaar is de politie van Nijmegen niet in staat maatregelen te nemen die passen in deze tijdsgeest. En dan: waar Arnhem een Europese aanbesteding uitgeschreven heeft voor de evenementen Harley Davidsondag, Oranjefeest en World Statues-festival voor een jaarlijks bedrag van €275.000,-, kreeg Nijmegen de Harley-dag in de schoot geworpen zonder een cent te hoeven investeren. Maar de gemeente verbood afgelopen zondag de Harley-dag. Blijkbaar gaat het in Nijmegen economisch zo fantastisch, dat de burgemeester zich dit kan permitteren.

Net zoals ons beroemde gemeenteraadslid dat alle SUV’s in de stad wilde verbieden, het landelijk nieuws haalde en er vervolgens trots op was. Last but not least haalde Nijmegen afgelopen week het landelijke nieuws via oud-burgemeester Guusje ter Horst, nu minister van Binnenlandse Zaken. Zij kondigde aan dat ze een blaastest voor voetgangers wil introduceren. Het wordt tijd dat het gemeentehuis hermetisch wordt afgesloten en de beste virologen naar Nijmegen worden gestuurd, want blijkbaar is het besmettelijk!

Gas geven | D.D. 22 januari 2010

Het jaar 2009 en de periode daarvoor is voor mij de tijd geweest van investeren. Investeringen in de organisatie en in locaties die voorbijkwamen en exact pasten in mijn strategische visie. Deze bedrijven hebben we achter de schermen gezond gemaakt, en vervolgens hebben we voorbereidingen getroffen om mooie concepten te bouwen.

Het maken van plannen, architecten aan het werk, het aanvragen van bouwvergunningen en de onderhandelingen met de brouwerijen. De organisatie laten groeien van (de verschillende fases van) een bedrijf naar een organisatie met twintig bedrijven, valt niet mee zonder in de klassieke valkuilen te trappen. Toen ik meer dan vijftien bedrijven had, ben ik gaan zoeken naar mensen die konden gaan plaatsnemen in de directie. Als iets een uitdaging is geweest, is het de functie van horecadirecteur. Deze man of vrouw moest in eerste instantie minimaal bedrijfskundig geschoold zijn en ervaring hebben met leiding geven aan minimaal tien horecabedrijven. Dit laatste bleek in Nederland (bijna) onmogelijk. Vind maar eens iemand die én bedrijfskundig geschoold is én een paar jaar ervaring heeft met leidinggeven aan die minimaal tien bedrijven. Dit laatste zegt ook iets over de horeca in Nederland, al denk ik dat de komende jaren de eenmanszaken grotendeels verdwijnen en grotere organisaties ontstaan die meerdere bedrijven hebben.
Dit is onontkoombaar door de behoefte aan overleven. Schaalvergroting is hierdoor een must om de kosten te kunnen reduceren, kwaliteit af te dwingen en je continuïteit te kunnen waarborgen. Gelukkig zie ik ook nieuw elan binnen de brouwerijen. Mannen als Remco Boerefijn (InBev) en Wouter Fijnaut (Heineken) brengen, als je met ze praat, nieuwe spirit. Nu maar hopen dat ze de klus zoals zij dat zien, kunnen klaren.

Ondertussen heb ik mijn mensen gevonden en zijn we klaar om gas te geven. De twintig losse bedrijven gaan we terugbrengen tot vijf concepten in drie steden: Arnhem, Nijmegen en Enschede. De ambitie is erg groot. Eindelijk zijn de condities geschapen om tophoreca te gaan bouwen, en minder dan dat is voor mij niet voldoende.

2010, here we come!

‘Crowd control’ | D.D. 30 april 2010

Na Volendam en Enschede, de aanslag in Apeldoorn en recent de strandrellen in Hoek van Holland, worden we tijdens de komende evenementen meer dan ooit geconfronteerd met ‘crowd control’. De gemeente Arnhem gebruikt tijdens Koninginnedag lichtkranten om het publiek te informeren en zo nodig een andere kant op te sturen. Met dit experiment hoopt de gemeente de veiligheid van het massaal bezochte evenement te verbeteren. Deze methode voor crowd control is afgekeken van de Zomerfeesten in Nijmegen en Koninginnedag in Amsterdam.

Rond de Korenmarkt worden de lichtkranten met name gebruikt om het publiek te wijzen op het eenrichtingsverkeer. Zo kunnen bepaalde straten bij toenemende drukte alleen worden gebruikt als in- of uitgang van het uitgaansplein. Zodra de Korenmarkt te vol dreigt te raken, krijgt het publiek het dringende advies om naar een andere locatie te gaan. De teksten op de lichtkranten zijn op elk moment aan te passen, zowel per stuk als collectief. In geval van calamiteiten kan via de lichtkranten direct worden gecommuniceerd dat een bepaalde locatie is afgesloten voor publiek. Ook waarschuwingen voor plotseling slecht weer of de eventuele uitval van treinen kunnen eenvoudig worden doorgegeven. De bediening van de lichtkranten is ondergebracht op het politiebureau, waar het verloop van Koninginnedag ook via camera’s wordt gevolgd.

Voor ons is het te hopen dat deze mensen niet doorslaan, zoals ik ook heb ervaren in Nijmegen. Ik kreeg op een ogenblik te horen dat men wilde streven naar een bezettingsgraad van 60 procent, hetgeen in mijn optiek inhoud dat het einde verhaal is voor evenementen. Buiten het feit dat ik vind dat veiligheid erg belangrijk is, bekruipt mij het gevoel van ‘schijnveiligheid’: iedereen heeft zijn eigen straatje schoongeveegd.

Nog even en we moeten extra cursussen volgen en deskundigen in dienst nemen om het allemaal nog te kunnen volgen. Al die overleggen met gemeente en politie, daar krijg je een droge mond van. En last but not least: de legeskosten die maar blijven stijgen, direct of indirect, doordat voor elke behandeling van aanvraag tegenwoordig moet worden betaald. De ‘uurtje factuurtje’-mentaliteit is blijkbaar ook bij de gemeente doorgedrongen.

Is dit Nederland? | D.D. 12 maart 2010

Uitspraken van leden van een politieke partij, die waarschijnlijk ruim in de twintig zetels (één op de tien Nederlanders) gaat scoren.

,,Veel fundamentele problemen in Nederland, zoals infrastructuur, files, huisvestingsproblemen en de verzorgingsstaat, kun je rechtstreeks toeschrijven aan migranten.’’
Geert Wilders in interview met DPA, 3 januari 2008

,,Onze cultuur een betere is dan die van veel immigranten.’’
Geert Wilders, HP/De Tijd, 12 december 2007

,,Mocht het ooit tot rassenrellen komen, wat ik dus echt niet wil, dan hoeft daarvan niet bij voorbaat een negatieve werking uit te gaan.’’
Geert Wilders, Volkskrant, 9 oktober 2004

,,Ik wil discrimineren.’’
Geert Wilders, radio-interview, NIO

,,Autochtonen planten zich minder snel voort dan allochtonen. Nu zitten allochtonen, overwegend moslims, voornamelijk in de grote steden. Over twintig jaar zitten ze overal, van Apeldoorn tot Emmen en van Weert tot Middelburg.’’
Geert Wilders, interview in De Pers, 27 november 2007

,,De Nederlandse cultuur is duizend keer beter dan de islam.’’
Geert Wilders in Spits, 9 november 2006

,,Niet uit haat, maar uit trots en zelfbehoud van onze Nederlandse identiteit en onze westerse waarden, verdedig ik een immigratiestop uit islamitische landen.’’
Geert Wilders, Het Nieuwsblad (Vlaams), 9 februari 2008

,,Natuurlijk is het niet acceptabel als de grote steden in Nederland in meerderheid niet-blanke steden zijn.’’
Geert Wilders, BBC-Hardtalk interview 22 maart 2006

,,Het is volstrekt onwenselijk dat Amsterdam maar liefst 177 nationaliteiten telt.’’
Geert Wilders, AT5, 22 augustus 2007

,,Waarom durven wij niet te zeggen dat moslims zich aan ons moeten aanpassen, omdat onze normen en waarden nu eenmaal van een hoger, beter, prettiger en humaner beschavingsniveau zijn? Niks integratie, assimilatie! En laat daarna de hoofddoekjes maar wapperen op het Malieveld. Ik lust ze rauw.’’
Geert Wilders, Volkskrant, 1 februari 2004

,,De Nederlandse Antillen zijn ‘een corrupt boevennest’. De Antillen moeten te koop aangeboden worden op Marktplaats.’’
Hero Brinkman in diverse interviews, december 2007 en januari 2008

,,Migranten bestaan. Hun hypothetische afwezigheid binnen de Nederlandse realiteit mag dan wel mijn Utopia zijn, maar is niet realistisch.’’
Interview van Wilders met het Duitse persbureau DPA

,,Ik ontzeg niemand een gezinsleven. Ook niet-westerse allochtonen niet. Ze mogen trouwen, ze mogen samenwonen. Alleen niet in Nederland.’’
Geert Wilders, Volkskrant 7 oktober 2006

Nederland?

Surfen op het werk | D.D. 21 augustus 2009

Even onder werktijd Hyven, de pics bekijken, op partyflock, MSN’en, de verkopen op Marktplaats in de gaten houden, de iPod vullen, dat leuke filmpje op YouTube bekijken, de laatste beurskoersen ophalen, een mailtje sturen naar het liefje, de vakantiefoto’s op Flickr doornemen, de blog volgen van het neefje dat een wereldreis maakt en telefonisch de vakantie bevestigen. En zo kan ik nog wel even doorgaan. Ik zou er mijn column mee kunnen vullen.

48 procent van de werknemers gebruikt werktijd om contact te onderhouden met vrienden en familie. De meeste niet aan het werk gerelateerde activiteiten tijdens kantooruren zijn het versturen van persoonlijke e-mail, het voeren van privé-telefoongesprekken en het gebruik van het internet voor persoonlijke doeleinden. Ruim 81 procent van de ondervraagden geeft aan zich niet schuldig te voelen over het tijdens kantooruren afhandelen van persoonlijke zaken. Slechts een minderheid compenseert het regelen van persoonlijke zaken tijdens kantooruren door over te werken. Ruim 66 procent geeft overigens aan dat het reëel zou zijn als de werkgever zou bepalen welke websites wel of niet toegankelijk zijn tijdens kantooruren. Dit alles blijkt uit onderzoek. En hoe jonger de werknemers zijn, des te meer er misbruik van wordt gemaakt. Ik was toevallig bezig de computers binnen onze organisatie centraal te beheren in plaats van decentraal. Ik dacht (ook) dat het binnen mijn organisatie wel meeviel met het privégebruik onder werktijd. Totdat bij ons glasvezel werd aangelegd.
Mijn hoofd technische dienst had een programma geïnstalleerd waarmee we konden bekijken wat allemaal via het web werd bezocht door onze mensen. Wie schetste mijn grootste verbazing: de eerste die we controleerden – een belangrijk persoon binnen onze organisatie – zat op een woensdag achter de computer en besteedde vier uur aan privédoeleinden onder werktijd. Ik was eerst stil en daarna kwaad. Ik ging rekenen! Ik heb vijfhonderd mensen in dienst, omgerekend naar fte’s 130 fulltimers maal…

Ik wens u veel personeelsleden toe! Ik ga deze uitdrukking steeds beter begrijpen.

Oscar voor ontwerp | D.D. 19 oktober 2007

Mondiale Nederland organiseerde de derde editie van de hospitality & style awards. Dit Oscarwaardige evenement met ruim vijfhonderd toonaangevende
spelers uit de hospitality-industrie vond plaats in de Amsterdam Convention Factory. Het is een mooi initiatief, dat veel eerder genomen had moeten worden. Marketingtechnisch
gezien is het fantastisch. Het brengt de horeca in alle opzichten op een hoger level. Het kan ondernemers en ontwerpers stimuleren om mooie zaken te bouwen. Je ziet dan ook dat steeds meer zaken er gelikt uit gaan zien.

De tijd van bar bouwen en deuren open is definitief voorbij! Vooral als ontwerper is dit een uitermate mooie gelegenheid om je te profileren. Als je daarvoor ook nog waardering krijgt, dan is de cirkel rond. Het geeft je naamsbekendheid in de scene en dat geeft weer meer opdrachten. Op den duur zullen er waarschijnlijk meer ontwerpers in de horeca stappen en zich daar in gaan specialiseren, omdat er meer vraag komt naar vernieuwende ontwerpen.

Deze ontwerpers hebben we in de horeca nodig om innoverend en overtreffend te werk te gaan. Waardoor we er meer mooie zaken bij krijgen, wat alleen maar goed is voor de horeca in Nederland. Een voorbeeld hiervan is restaurant en wijnbar Puck in Den Haag, met een geïntegreerd separaat restaurant. Puck is spraakmakend. De doelstelling van de ondernemer om een internationaal concept met allure te realiseren, is meer dan gelukt. Het originele interieur is on-Nederlands en tot in detail uitgevoerd. Puck is een voorbeeld van een grensverleggend interior design, ontworpen door designer Mark Pimlott.

Ik weet zeker dat we mede door de hospitality & style awards van Mark Pimlott meer gaan horen in de horeca! Voor mij als jurylid waren alle genomineerde bedrijven winnaars. Allemaal hadden ze capaciteiten die vernieuwend of verfrissend waren. Designer Eric Kuster vertelde mij dat maar 30 procent van zijn bezigheden ‘horeca’ is. Het zou goed zijn als hij voor de volle 100 procent voor de horeca zou ontwerpen! Hoeven we misschien niet meer naar Londen en New York om zaken te bekijken.

Palladium | D.D. 12 januari 2007

Palladium in Amsterdam is een zaak waarvoor ik veel bewondering heb. Het bedrijf bestaat al jaren en is al die tijd erg succesvol met hetzelfde concept. Alweer een tijdje geleden werd het verbouwd. Het is altijd spannend om een goed draaiend concept te verbouwen, en hoewel het destijds nodig was, betekende het wel een risico. De verbouwing vind ik erg geslaagd en heeft in mijn ogen Palladium naar een hoger level gebracht. Ik ken maar weinig horecazaken met zo’n succesvol totaalconcept. Daarmee bedoel ik ontbijt, lunch, restaurant, grand café en bar-avondfunctie.

Ik vind het ongelooflijk om te zien hoeveel beleving hier gedurende de gehele dag is. Er is beleving in de ochtend: de lunch zit vol. Na de lunch komen de mensen die gewoon even iets komen drinken of een kop koffie pakken. Een echte aanrader trouwens! Het is ook een zaak waar veel zakenmensen afspreken, en je ziet veel mensen uit Amsterdam en omgeving. Om 18.00 uur begint de restaurantfunctie.

De tafels worden gedekt en overal komen bordjes ‘gereserveerd’ op. Slim, zo kunnen ze hun doelgroep selecteren. Komen er leuke mensen binnen, dan kun je gaan zitten. En anders: helaas, vol. De kaart van Palladium is doordacht. Het is een kleine kaart met vijf voorgerechten, vijf of zes hoofdgerechten en vier nagerechten. Het is gevarieerd en alles wat erop staat, is kwalitatief goed en lekker. Een echte aanrader vind ik de tonijnbiefstuk. Bedrijfseconomisch is het helemaal onder controle, dat kan niet anders. Het eten gaat vloeiend over in de avondfunctie. De dj begint rond 22.00 uur te draaien, lekkere en gevarieerde muziek.

Het volume gaat harder en de lichten worden verder gedimd. In het weekeinde begint zich vanaf 23.30 uur een rij te vormen voor de deur, en na middernacht is het vol. De mensen die er komen zijn verzorgd en goed gekleed. Het is wel ‘zien en gezien worden’. Het BN-gehalte is ook hoog. Het wordt steeds moeilijker voor de bedrijfsleiding om de juiste doelgroep binnen te krijgen, omdat Palladium hot is en iedereen naar binnen wil. Maar dat is een luxeprobleem. Alleen jammer dat ze geen speciaalbier op de tap hebben. Dan had Palladium vast in de Café Top-100 gestaan, denk ik.

Istanbul | D.D. 23 juni 2006

Als ik dit schrijf, ben ik net terug uit Istanbul, waar ik was op uitnodiging van een vriend die er zijn bruiloft vierde. Ik heb er direct extra dagen aan gekoppeld om de stad te leren kennen. Een gedeelte van Istanbul ligt in Europa, het andere deel in Azië. De twee delen worden van elkaar gescheiden door de rivier de Bosporus en verbonden door twee grote bruggen. Echt indrukwekkend. Met de discussie in het achterhoofd ‘moet Turkije bij de EU komen of niet’, ben ik het uitgaansleven gaan verkennen. Er broeit iets in Istanbul, en dat bedoel ik in positieve zin. Wat me echt opviel: het is een stad met alle culturen bij elkaar. Een stad met hippe en trendy mannen en vrouwen, zelfs hippe vrouwen met hoofddoek om.

Je hoeft nauwelijks rekening te houden met etenstijden. In Istanbul kan dat de hele dag. Een stad met trendy jazzbars, stijlvolle restaurants en heerlijke terrassen. Echt een wereldstad, die je doet beseffen dat we in een kikkerlandje wonen. Ik keek mijn ogen uit bij een discotheek middenin de stad. Tussen alle bewoners op een dak in de open lucht werd minimaal 100 dba gedraaid. In Nederland ben je tonnen euro’s kwijt aan alleen isolatie om minimaal 95 dba te kunnen draaien, en dan heb je nog geen biertje getapt. Ik betrapte mezelf er in deze discotheek op (ik weet, velen met mij), dat ik dacht dat deze hippe en trendy mensen van buiten Turkije waren, totdat een Turks nummer werd gedraaid en de hele discotheek meezong.

Toch erg dat je beeldvorming door de media en sommige politici zo wordt beïnvloed, en de andere kant niet wordt belicht. Istanbul is een mooi voorbeeld van een goed samengaan van een moderne samenleving en de islam. Ondernemers moeten ook kijken naar de kansen die een eventuele toetreding van Turkije biedt en niet alleen naar de bedreigingen. Als we dat laatste doen, zouden we niet durven ondernemen en zou er nooit iets moois van de grond kunnen komen. Laten we hopen dat de politiek dit ook inziet. Een stad die Europa verbindt met Azië door twee grote bruggen. Het wordt tijd dat Europa een grote brug bouwt naar Turkije.

Subsidiegeld | D.D. 17 april 2009

Iedere stad heeft zogenaamde culturele instellingen die worden gerund met subsidiegeld. De bedoeling is dat ze een verrijking zijn; dat ze iets cultureels toevoegen dat een gewone ondernemer niet kan brengen, toch? De gemeente Arnhem is anno 2009 in termen van bezoekerscapaciteit de grootste horecaondernemer van Arnhem. Het van oorsprong klassieke Musis Sacrum met concerten en uitvoeringen van Het Gelders Orkest, is steeds vaker popzaal,en op zaterdagnacht disco- en danstheater met nachtvergunning.

Er gaat geen feestdag voorbij of er is wel een party night in Musis. De Schouwburg programmeert de rockopera Tommy met Di-rect en de baromzet vaart er wel bij. De Grote Eusebiuskerk heeft reeds lang zijn functie als Godshuis verloren en is tegenwoordig decor van menig disco- en danceparty tot in de kleine uurtjes. De gemeente Arnhem organiseert op Koninginnedag- en in de Koninginnenacht haar eigen feest op het Marktplein, en Nederlands duurste poppodium Luxor Live wordt verhuurd aan derden en is op zaterdagnacht een commerciële disco met muziek voor iedere doelgroep. Zelfs theater Oostpool adverteert met de ‘culturele nachtclub’ met naborrelen tot in de kleine uurtjes.

Menig instelling verhuurt zijn zaalfaciliteiten aan commerciële derde partijen, die tegen relatief lage kosten kunnen beschikken over de hoogwaardige faciliteiten, en die kunnen exploiteren. Alles onder het alziend oog van de verantwoordelijke wethouder en de afdeling cultuur. Gezamenlijk bedraagt de horecacapaciteit in beheer van de gemeente circa zesduizend bezoekers (Musis, Eusebius en Luxor) in het centrum van Arnhem. Daarnaast is er de pleinencapaciteit van circa tienduizend bezoekers (Markt en Kerkplein).

De genoemde instellingen concurreren rechtstreeks met horecabedrijven die in hetzelfde marktsegment actief zijn. Het betreft weliswaar zelfstandige instellingen ‘op afstand’ van de gemeente, maar er blijft altijd een onderlinge subsidierelatie. Als de exploitatie weer eens tegenvalt of in de gebouwen moet worden geïnvesteerd, dan wordt al te gemakkelijk (meestal voor vele miljoenen) een beroep op de gemeente gedaan en worden de tekorten telkens weer bijgepast. Dan blijkt de afstand uiterst beperkt en wordt de exploitatie feitelijk gevoerd voor rekening en risico van de Arnhemse burger (en ondernemer).

Ach ja, belastinggeld zat. Toch?

Heksenjacht op rokers | D.D. 13 februari 2009

Het terrasseizoen staat voor de deur en het terras wordt belangrijker dan ooit. De terrassen blijven langer vol nu daar mag worden gerookt. De gasten die houden van een kop koffie, een krantje en een sigaretje tijdens hun pauze of na het werk, verwelkomen we weer. Deze groep ging sinds het rookverbod minder vaak naar de horeca, omdat zij niet kon genieten van dat sigaretje.

Aan ondernemers nu de taak het bij de lokale politiek voor elkaar te krijgen dat het terras langer open mag blijven. Maar er is ook een bedreiging: Clean Air Nederland (CAN) is een meldpunt gestart waar nietrokers hun beklag kunnen doen over rokers op terrassen. CAN zegt veel klachten te ontvangen nu mensen vaak buiten roken. De organisatie ziet graag dat rokers op terrassen worden gescheiden van niet-rokers. Bovendien hoopt het dat horecaondernemers rokers vragen hun sigaretje verderop te nuttigen, en niet op het terras of bij de ingang van de zaak. CAN-directeur Willem van den Oetelaar stelt dat de terrassen sinds de invoering van het rookverbod blauw staan van de rook.

Ik noem dit fase 1: het creëren van een probleem om vervolgens alternatieven aan te bieden voor dit probleem (scheiding tussen rokers en nietrokers. Door alternatieven aan te bieden, kweekt men goodwill en denkt men zogenaamd mee).
Fase 2 : het krijgen van maatschappelijk draagvlak voor het probleem. Bijvoorbeeld een website openen voor beklag.
En fase 3: de actie om het op de politieke agenda van de minister (Klink) te krijgen. Wij, horecaondernemers en onze vertegenwoordigers, worden pas wakker in fase 3, als
het dus al op de politieke agenda staat.  Gelukkig reageert stichting Rokersbelangen.
Voorman Ton Wurtz is woest over de actie van CAN. Volgens hem wakkert die club de haat aan tussen rokers en niet-rokers Wurtz: Ze zijn nog erger dan de ayatollahs in Iran. Ze prediken intolerantie en vormen een gevaar voor de samenleving. Ik overweeg serieus aangifte te doen. CAN voert een heksenjacht op rokers.’’
Ik zou zeggen: Ton Wurtz for chairman KHN.

Toppers gezocht | D.D. 23 augustus 2008

Tijdens de Nijmeegse Vierdaagse kwam ik een collega tegen en hadden we het over die goede oude tijd, de tijd dat obers continu met twee bladen bier met glaswerk liepen en in het bezit waren van de nietzeuren-maar-poetsenmentaliteit. Tegenwoordig mag je al blij zijn dat personeel komt opdagen en dat medewerkers met een klein blaadje bier lopen met plastic glazen. Vervolgens zie je de dag erna dat de polsen zijn ingetaped.

Ja, dan denk ik met weemoed terug aan mijn eigen tijd. Hoog op mijn agenda staat personeelsbeleid. Ik merk dat de kwaliteit van het management omhoog moet. Ik ben te veel corrigerend bezig op operationeel vlak. Kansen blijven liggen, en het is af en toe dweilen met de kraan open. Er zijn de laatste twee jaar jongens doorgestroomd die het gevraagde niveau niet aankonden. Te veel intern gekeken, omdat deze mensen de organisatie al kenden. Komt ook door de snelle groei, waardoor je een ideale barkeeper – die gewoon barkeeper moet blijven – assistent maakt, en van de goed functionerende assistent een bedrijfsleider maakt. En dat is wat je meestal niet moet doen! Toch maak je deze fouten op het moment dat het spoed vraagt, als er geen rust en weinig beleid is voor het werven van toppersoneel.

Het is altijd lastig  geweest toppersoneel op hbo en universitair niveau te behouden voor de horeca op het moment dat ze zijn afgestudeerd. Bij andere bedrijfstakken beginnen ze al met een auto en een hoog  startsalaris. Een baan met pak en stropdas heeft meer aanzien na je studie dan de horecabranche. Ik wil het liefst gaan huren, maar ik weet nog niet in welke vorm. Ik heb nu een hrm-man aangenomen die alleen maar bezig is met zoeken naar de juiste mensen. Leerlingen plaatsen en goed personeel met de ambitie om verder te groeien. Hen de mogelijkheden ook geven, en begeleiden op hun niveau. Daarnaast structurele externe cursussen, zodat men het ook van een ander hoort. En, niet te vergeten, de salarissen omhoog. Zoals een gezegde luidt: ‘Ik wens je veel personeel toe’. Het is niet uit de lucht gegrepen.

Politiebeleid | D.D. 20 maart 2009

Laatst gelezen in De Gelderlander, editie Nijmegen: dit jaar deden zich geweldsincidenten voor tegen agenten. Zo reed een nog onbekende automobilist tijdens een snelheidscontrole in Nijmegen in op een politieman. En agenten raakten eveneens in Nijmegen gewond bij een vechtpartij toen zij twee groepen kemphanen wilden scheiden. De betrokkenen stortten zich vervolgens massaal op de agenten. Ook werd een agent geslagen tijdens de aanhouding van een dronken vrouw.

Het valt mij op dat de laatste tijd steeds meer van dit soort artikelen verschijnt. Zelf heb ik in Nijmegen agenten meegemaakt die voor van alles en nog wat werden uitgescholden en die niet reageerden, uit angst. Maar ook tientallen mensen die het voorval meekregen en zagen dat ‘het gezag’ niet reageerde en de scheldpartijen accepteerde. Dit heeft voor een groot deel te maken met onervarenheid van agenten, en interesse. Er is altijd een beleid geweest dat een agent een allrounder moet zijn. Een agent moet overal kunnen werken. Hier gaan ze de fout in! De top van de politie erkent niet de ‘specifieke capaciteiten’ die een agent in het uitgaansleven moet hebben om goed te kunnen functioneren.

Een agent die feeling heeft met het uitgaansleven en het ook leuk vindt, functioneert veel beter dan een wijkagent van in de vijftig die baalt dat hij nachtdienst heeft in het weekeinde en blij is als het ‘klokkie’ vijf uur tikt. En als je hem nodig hebt, blijft hij in de auto zitten tot er versterking is! Je snapt wel dat dit soort agenten de veiligheid van het uitgaansleven in gevaar brengt en dat we ze liever kwijt dan rijk zijn. In Arnhem snappen ze het! Daar werken interventieteams; deze teams bestaan uit agenten die het leuk vinden om in het uitgaansleven te werken en die steeds in dezelfde samenstelling werken. Zo raken ze beter op elkaar ingespeeld en is de taakverdeling duidelijker. De teams krijgen speciale training om beter te kunnen omgaan met dronken mensen en drugsgebruik. Ze worden opgeleid om escalatie van geweld te voorkomen. Toch wel andere koek dan in Nijmegen, waar we twee uur vergaderen over problemen die er niet zijn! Misschien een keer een kijkje nemen in Arnhem?

Stelen van de baas | D.D. 29 februari 2008

Bestolen worden door je personeel. Het overkomt je. Zo ook een restaurant. In nog geen zes maanden maakte een bedrijfsleider zijn baas €15.000,- afhandig. Met een eenvoudige maar slimme truc. Op drukke avonden toetste hij meerdere keren op de retourknop van de kassa, zogenaamd ter correctie van een foutief aangeslagen bedrag. In werkelijkheid kwam het geld wel in de kassalade. Na werktijd, bij het opmaken van de kas, verdween zo telkens een fors bedrag in zijn zakken.

Ook twee personeelsleden van De Librije werden op staande voet ontslagen wegens stelen. De twee stalen onafhankelijk van elkaar. Toen onderzoek werd gedaan naar de ene, kwam de ander aan het licht. De een was het gezicht van de zaak en stal gedurende een langere periode vele  duizenden euro’s. De ander stal uit de fooienpot. Er wordt door ondernemers nauwelijks aangifte gedaan bij de politie. De belangrijkste reden om dat niet te doen, is dat het een hoop gedoe is. Het is vaak moeilijk om voor de rechter onomstotelijk te bewijzen dat iemand heeft gestolen.

Winkeliers raadplegen steeds vaker het waarschuwingsregister, waarin frauderende personeelsleden zijn opgenomen. In 2007 werd de lijst al vier keer zoveel gebruikt als in 2006. Ook worden op fanatieke wijze fraudeurs toegevoegd op de lijst. Motto is diefstal keihard aanpakken. Uit onderzoek blijkt dat jongeren tussen 18 en 25 jaar de grootste dieven zijn, en dat is juist de leeftijdsdoelgroep die in de horeca werkt.Het wordt tijd dat wij in de horeca ook zo’n lijst krijgen. Je ziet personeelsleden die hebben gestolen, te gemakkelijk weer bij een collega aan het werk gaan. Ik ken een verhaal van een horecagelegenheid waar een heel team werd ontslagen vanwege diefstal, en dat team werkte binnen no time bij een ander horecabedrijf. Je kunt wel raden wat er gebeurde.

Ik schrik van deze brutaliteit die in mijn ogen toeneemt, en het verbaast mij ook hoeveel jongere personeelsleden steeds meer financiële problemen hebben. Dat zie ik aan de hand van loonbeslaglegging die ik elke week binnenkrijg. Dit heeft, denk ik, ook te maken met opvoeding. Misschien advies vragen aan onze Friese moeders?

Verassen met beleid | D.D. 21 september 2007

Vorige week las ik het Ontwikkelingskader Horeca Utrecht. Hiermee wil de gemeente op een verantwoorde manier ruimte bieden voor nieuwe horeca. De gemeente Utrecht had BRO-adviseurs een marktonderzoek laten doen naar de horeca. Wat mij vooral verheugde, was dat de gemeente zich heeft laten leiden door goede, objectieve onderzoeken. Zo komt men tot de conclusie dat de horecastructuur in de binnenstad, mede door de grote spreiding van het aanbod, nogal onduidelijk is. Veel van de mooie plekken worden door bezoekers gemist, omdat ze niet weten waar ze moeten zijn.

Een andere constatering is dat de grote parkeerlocaties bijna allemaal aan de westzijde van de binnenstad zijn gesitueerd, evenals het NS-station, terwijl de horeca is gesitueerd aan de oostzijde, en daardoor minder goed te bereiken is. Daarnaast ziet de gemeente dat de bestaande horecastructuur veel verbeteringsmogelijkheden biedt op het niveau van individuele bedrijven. Als het daarbij niet gaat om uitbreiding van het aantal meters maar nadrukkelijk om een kwalitatieve impuls, moeten hiervoor mogelijkheden worden gegeven. Goede voorbeelden zijn modernisering van een keuken of een toiletgroep.

De gemeente Utrecht wil ook een ruim palet aan voorzieningen bieden voor Utrechters en bezoekers van de stad. En daarnaast ruimte bieden voor innovatie en diversiteit en inzet op clustering, waardoor de identiteit van deelgebieden wordt versterkt. Naast deze clustering is het van belang te streven naar synergie met andere functies, in mijn ogen essentieel voor de continuïteit in een economisch gebied. Sturing wordt gezocht door in de meeste gevallen ruimte te bieden aan horeca door het werken met vrijstellingsmogelijkheden en/of wijzigings– bevoegdheden binnen bestemmingsplannen.

De gemeente heeft ook een indeling gemaakt in horecacategorieën, zodat ze sturing kan geven aan een bepaald gebied, met als doel horecadifferentiatie. Al deze zaken klinken als muziek in mijn oren. Ik vind dat de lokale overheden ervoor moeten zorgen dat de strategische randvoorwaarden goed zijn geregeld, zodat de ondernemer de juiste condities heeft om te kunnen ondernemen. Nu maar hopen dat andere gemeenten het voorbeeld van Utrecht volgen, in plaats van klakkeloos meer horeca naar de stad te trekken in het belang van de werkgelegenheid of te luisteren naar brouwerijen.

Reactie D.D. 18 mei 2007

Naar aanleiding van mijn open brief aan de belastinginspecteur, waarin ik weigerde nog langer een aangiftebiljet in te vullen, kreeg ik tot mijn verbazing een reactie van de Belastingdienst.

Geachte heer,

Onlangs heeft de Belastingdienst een onderzoek gehouden met betrekking tot het inleveren van de verstuurde aangiftebiljetten. Accuraat, zoals de Belastingdienst is, hebben wij het gebouw laten ontruimen, en heeft een gespecialiseerd zoekteam het gebouw doorzocht naar ingeleverde aangiftebiljetten. Wij kunnen u meedelen dat na deze grondige zoekactie is gebleken dat u uw aangiftebiljet niet heeft ingestuurd.
Er is echter wel een ongedateerde brief van u gevonden. In deze brief deelt u mede dat u niet in staat bent uw aangiftebiljet in te leveren vanwege onder andere de talloze heffingen die u ten deel vallen. U vraagt begrip voor de situatie waarin u verkeert.
Na ampel beraad met het ministerie kan ik u het volgende meedelen. Enkele van mijn ambtenaren hebben de afgelopen twee jaar regelmatig uw etablissement bezocht en daar het volgende geconstateerd:

1) De uitspanning verkeert in goede staat.
2) Uw gastvrijheid is moeilijk te overtreffen.
3) Uw borrelhapjes smaken uitstekend.
4) Het bedienend personeel straalt een enorme gastvrijheid uit.

Uit het voorafgaande moge blijken dat uitspanning, personeel, keuken en ambiance van u een vermelding in de Michelin-gids zeker verantwoord maken. Echter, de wetgeving dwingt mij tot de volgende maatregelen:
1) U dient alsnog uw aangiftebiljet ingevuld in te leveren waarbij u rekening dient te houden met het navolgende:
a) Lokale belastingen zijn aftrekbaar voorzover zij aantoonbaar betaald zijn.
b) Boetes die niet door eigen oorzaak zijn ontstaanzijn aftrekbaar voorzover zij niet proportioneel het gemiddelde overtreffen.
2) Voor de overige bezwaren dient u zich te richten tot de bevoegde instanties. Mocht u vanwege deze beslissing in verdere problemen komen, dan raad ik u aan contact op te nemen met een advocaat.

Om uw leed te verzachten, zal ik mijnerzijds alles in het werk stellen om te bevorderen dat mijn ambtenaren bij u hun lunch nuttigen dan wel na werktijd een consumptie komen nuttigen. ‘Makkelijker kunnen we het niet maken, wel leuker!’

Met dank aan brasserie La Cour ’s-Hertogenbosch.

Overheid denkt mee | D.D. 30 november 2007

Wat mij de laatste tijd opvalt, is dat de overheid de horeca steeds meer gebruikt als opvoedkundige sector, als melkkoe of als middel om de begroting sluitend te krijgen. De verhoging van de bieraccijns met als argument alcohol misbruik onder jongeren tegengaan, is een typisch vals argument. Uit onderzoeken blijkt dat jongeren thuis bij hun wetende ouders vaak voor het eerst in aanraking komen met alcohol door een glaasje mee te drinken, en dat zelfs op zeer jonge leeftijd. Ik garandeer je dat als ik dronken was thuisgekomen toen ik nog geen achttien jaar was, mijn vader me aan de hoogste boom had opgehangen.

Je moet tegenwoordig voor alles een diploma hebben. Als je de straat wilt vegen, vragen ze om diploma’s. Voor autorijden een rijbewijs, en voor schoonmaken: graag diploma’s én werkervaring. Maar voor de zwaarste job met de meeste verantwoordelijkheid, kinderen opvoeden, heb je niets nodig, behalve dat je vruchtbaar moet zijn. Misschien moet de overheid zich hierop gaan focussen, kunnen ze eindelijk resultaat boeken! Of willen ze dat juist niet? Overheid, boetes voor degene die straks rookt of stiekem drinkt graag naar diegene die het dóet, of zijn of haar ouders.

Dan wil ik de reacties en resultaten wel eens zien. De verantwoordelijkheid neerleggen bij horecaondernemers gaat er bij mij niet in. De accijns op wijn wil de overheid met 16 procent verhogen, met als argument meer medici geen btw te laten betalen. Worden we hier gebruikt om de begroting sluitend te krijgen? De overheid is ook nog bezig te onderzoeken of het mogelijk is accijns te heffen op vet voedsel, bedoeld om overgewicht tegen te gaan.

Mooi zou je zeggen, dan gaan we massaal aan de biefstuk, mager en gezond. Wie schetst mijn verbazing: de overheid wil een biefstukheffing, met als argument de milieuschade van de bio-industrie te compenseren. Ik heb er nog één: er zijn plannen om de speelautomatenbranche onder de kansspelbelasting te laten vallen. In dat geval betalen we geen 19 maar 40 procent belasting. Kunnen de Holland Casino’s daarmee wat vaker Marco Borsato boeken. Ja, ja, overheid, knippen en scheren die horeca!

Onbehoorlijk bestuur | D.D. 9 februari 2007

Wij, horecaondernemers, laten ons vaak vertegenwoordigen door belangenverenigingen en gaan er veelal vanuit dat de vertegenwoordigers oprecht de belangen behartigen. In de praktijk kom ik ze jammer genoeg anders tegen. Ondernemers die een bestuursfunctie nemen om hun eigen belangen te verdedigen. Zo maakte ik in Arnhem jaren mee dat de voorzitter van de horecavereniging iemand was met een nachtzaak, terwijl de nachtzaken ook een eigen vereniging hadden. Het gevolg: als in de plaatselijke politiek bijvoorbeeld het puntje sluitingstijden ter sprake kwam en een gemeenteraadslid wilde dit op de agende zetten, dan overlegde hij dit eerst – ja – met de voorzitter van de belangenvereniging.

Om vooraf zeker te zijn van steun. Maar zo’n voorzitter zit natuurlijk niet te wachten op verruiming, omdat hij zelf een nachtzaak heeft. En als hij dan met valse argumenten het gemeenteraadslid angst inboezemt, snap je natuurlijk wel dat zo’n gemeenteraadslid het wel uit zijn hoofd haalt om het puntje sluitingstijden bespreekbaar te maken. Dit soort gesprekken vindt vaak informeel plaats, en één-op-één. De voorzitter heeft het dan al van tafel geveegd voordat het op de politieke agenda komt. In principe had de voorzitter het idee moeten voorleggen aan de ondernemers – en die hadde formeel moeten stemmen – om vervolgens dat beleid uit te voeren. Nog een voorbeeld van, hoe zeg ik dat netjes, politieke spelletjes.

In Arnhem hebben we mede door dat sluitingstijdenverhaal en een grote ontevredenheid onder ondernemers, meer dan één horecabelangenvereniging. De voorzitter van Horeca Nederland afdeling Arnhem en de voorzitters van de andere verenigingen kwamen met het idee om gezamenlijk een nieuwjaarsreceptie te organiseren. Goed idee: laat aan de lokale overheid zien dat we twee handen op één buik zijn.

Dus werd een aantal afspraken gemaakt, en neutraal briefpapier gebruikt met daarop alle logo’s. De locatie werd bepaald, en ook wie de uitnodigingen ging versturen, want het zou slordig zijn als een ambtenaar uitnodigingen zou ontvangen van verschillende belangenverenigingen. Wat gebeurt er: de brieven werden geprint op briefpapier van Horeca Bond Nederland en verstuurd in een enveloppe van Horeca Bond Nederland. Proost, Horeca Bond Nederland afdeling Arnhem, op een prettige en betrouwbare samenwerking in 2007.

Nijmeegse vierdaagse d.d. 11 augustus 2006

Na het voorstel van een gemeenteraadslid om suv’s in de binnenstad te weigeren, weet Nijmegen opnieuw het landelijke nieuws te halen. Misschien is dit in Nijmegen een marketingstrategie? Tot mijn grote verbazing werd de wandelroute van de Vierdaagse op dinsdag niet ingekort, ondanks dat het al twee weken van tevoren bekend was dat er een hittegolf zou zijn. Zoals iedereen nu weet, was dinsdag een dramatische dag. De Vierdaagse werd abrupt afgelast omdat er door de extreme hitte veel slachtoffers, waaronder zelfs twee doden, zijn gevallen.

Ik heb me nooit echt verdiept in de organisatie van de Vierdaagse. Het blijkt dat deze bestaat uit één betaalde kracht en voor de rest vrijwilligers. Toch knap wat ze tot nog toe hebben gepresteerd, als je dit nu weet. Toch kan ik er met m’n pet niet bij dat direct, in het heetst van de strijd, is besloten ermee te stoppen. Men zat nog midden in de verzorging van al die wandelaars en het was een enorme chaos. Ik had gezegd: las de woensdag af, en kom die dag – als iedereen een nachtje geslapen heeft – weer bij elkaar.

Zo voorkom je dat emoties een grote rol gaan spelen, en je hebt wat meer tijd om over de consequenties van je beslissing na te denken. De consequenties zijn in mijn ogen groot geweest. Nijmegen is in de landelijke media afgeschilderd als een spookstad, en de Nijmeegse politie deed er de eerste twee dagen nog een schepje bovenop door iedereen te adviseren de stad te mijden en alstublieft weg te blijven, want de feesten zullen ingetogen zijn.

Alsof we in Nijmegen de pest hadden. En weet u eigenlijk wat ‘ingetogen feesten’ zijn? Hoe kan Nijmegen de Vierdaagse laten organiseren door een groep vrijwilligers, terwijl dit internationale evenement een enorme economische en maketing-impuls geeft aan de hele regio? Waar zijn de draaiboeken voor hittegolven, onweer en andere calamiteiten? Waarom in een hittegolfweek niet een nachtmars organiseren? Als lopers eerder beginnen, zijn ze voor de middag allemaal binnen. Een nachtmars, met fakkels, dan was de negentigste editie van de Vierdaagse toch anders gelopen. Maar ja, in Nijmegen is geld verdienen een vies woord, daar houdt men geen rekening mee!

Minister klink | D.D. 6 juli 2007

Ik vind het ongelofelijk dat de overheid de gemaakte afspraken over het stappenplan roken nu eenzijdig beëindigt. KHN heeft steeds gepleit voor een gefaseerde invoering van het rookverbod, omdat anders de klap in de cafés en discotheken het hardst zal aankomen. Men heeft de minister een alternatief proberen aan te bieden, maar deze snapt het niet. Ik, als niet-roker, was laatst in Dublin, waar het rookverbod al van toepassing is. Bijna alle horecagelegenheden hadden een plek, meestal buiten in de vorm van een tuin of patio, om te roken.

Het waren opslagplaatsen die omgeturnd zijn tot rookplekken, of er is een stukje van de zaak opgeofferd om een rookplek te creëren. Alleen dit al zou in Nederland voor cafés en discotheken een probleem zijn. Als we zulke tuinen of patio’s zouden willen creëren, komen we in de problemen met milieuwetgeving. Geluidsoverlast, wat in Dublin blijkbaar geen probleem is, zou in Nederland onmogelijk zijn. Wat nog wel opviel, is de hoeveelheid mensen die wilden roken. Je zou zeggen dat na drie jaar rookverbod de behoefte minder zou zijn, maar dat viel tegen.

De tuinen en patio’s waren overvol met rokende mensen. Waarom niet nog meer voorlichting, in plaats van abrupt verbieden? Waarom worden niet de paffende ouders aangepakt die in de auto en thuis vol aan het roken zijn waar kleine kinderen bij zijn? Dan pak je het probleem bij de kern aan. Deze kinderen zijn juist de toekomstige rokers. Vroeger was ik bijna altijd de enige niet-roker. Als ik nu in een gezelschap zit, zijn de niet-rokers in de meerderheid – je ziet het resultaat van een voortdurende agressieve campagne en voorlichting.

De overheid is veel te laat begonnen met campagne en voorlichting en probeert nu de schade in te halen. Vervolgens hebben we de pech dat we een nieuwe minister op deze post hebben zitten die het woord ‘daadkracht’ wel erg letterlijk neemt. Natuurlijk zal bewijsdrang de grootste rol spelen, want je kunt je als minister niet beter profileren. Pats, boem: iedereen kent nu minister Klink. Een betere reclamecampagne kun je je niet wensen als minister. Wat wordt de volgende stap van minister Klink: aanmaak – limonade op de tap in plaats van bier?

meedenken | D.D. 3 november 2006

Als ik columns lees van Erik van Deursen, directeur horeca van InBev, denk ik altijd: ‘dat zijn mooie woorden’. Zo vindt hij het belangrijk, zelfs super belangrijk, dat zijn afnemers tevreden zijn. Een tevreden afnemer is immers goud waard. Samen ondernemen, hij vindt het essentieel. Daarom denken hij en InBev graag met je mee, op alle fronten van de bedrijfsvoering. Deze woorden klinken me als muziek in de oren, maar de praktijk ervaar ik toch even anders. Een paar maanden geleden heb ik een zaak overgenomen waar InBev pandeigenaar was. Ik had een akte indeplaatsstelling nodig. Niet moeilijk, zou je zeggen.

Juridisch heb ik recht op een huurcontract dat gelijk is aan mijn voorganger. Werken ze niet mee, dan kan ik dat juridisch afdwingen. De brouwer trekt dan altijd aan het kortste eind. Het enige dat moest worden veranderd in deze zaak, was de naam van de huurder. Netjes kreeg ik op kantoor de akte indeplaatsstelling toegestuurd. Wie schetste mijn verbazing na het lezen van het nieuwe huurcontract? Er waren 35 aanpassingen gemaakt in vergelijking met het vorige huurcontract. Terwijl ik nadrukkelijk had gevraagd om een akte indeplaatsstelling. Bepaalde aanpassingen waren ondernemer onwaardig, om het netjes uit te drukken.

Zo werd uit het niets ineens een minimum afnamebeding opgenomen. Dit houdt in dat ik minimaal 400 hectoliter InBev-bier per jaar moet draaien. Doe ik dat niet door wat voor een omstandigheid dan ook, dan schoppen ze me eruit. Ook al heb ik een paar miljoen voor die zaak betaald. Het meest schandelijke was dat InBev in een van de nieuwe artikelen het recht wilde om bij verkoop zelf te bepalen wie ze erin wilde. Zou ik een koper hebben, die mijn prijs wilde betalen en aan alle wettelijk eisen voldeed, dan nog kon InBev hem weigeren. Ik heb de akte indeplaatsstelling verscheurd en om een nieuwe verzocht. De goede.

Die heb ik ook netjes gekregen. InBev weet blijkbaar uit ervaring dat ondernemers niet goed lezen of niet weten waar ze juridisch recht op hebben, en dus klakkeloos tekenen. Misschien bedoelt directeur horeca van InBev, Erik van Deursen, hiermee wel ‘samen ondernemen’ en ‘InBev denkt graag met je mee’.

Koninklijk Horeca nederland | D.D. 13 oktober 2006

Als niet-lid van KHN word ik wel continu geconfronteerd met deze organisatie. Zo vind ik het vervelend dat ik gedwongen word lid te worden om over lokaal beleid te kunnen meepraten. Anders ben ik geen partij, ook al heb ik zes zaken in de betreffende stad. KHN doet zich steeds voor als de partij die alle belangen behartigt voor de horeca, of je nu wilt of niet. De gemeente vindt het zelf natuurlijk gemakkelijkommet één partij te praten.Dit overkomt mij in Nijmegen en Arnhem.Mijn voorstel om in deze steden samen te werken omdat ik specifieke kennis bezit die in mijn ogen goud waard is, werd in de wind geslagen.

Hierdoor word ik gedwongen een eigen vereniging op te richten, hetgeen versnippering en verwarring veroorzaakt richting de lokale overheid, en in mijn ogen niet professioneel overkomt. Maar om de belangen goed te behartigen moet ik wel, anders gebeurt dat door iemand die nog nooit ’s nachts in de stad is geweest of – zoals ik – op operationele avonden niet aanwezig is in zijn bedrijf. KHN bedrijft naar mijn mening ook een reactiepolitiek.

Waarom nu pas een werkbare cao en niet al jaren eerder? Waarom wordt nu pas in de cao een bestaansvormgegeven aan oproepkrachten en bestonden ze tot die tijd gewoon niet? Kon het nu wel, omdat het Gilde het voorbeeld gaf? Blijkbaar moet er altijd een concurrent zijn die de ander op scherp zet. En dan is er nog het bedrijfsschap Horeca en Catering, dat slechts brancheonderzoeken uitvoert. Echter wel een heel dure organisatie, bekostigd door onze branche. Waarom heeft het bedrijfsschap zich niet geroerd in het openlijke mediadebat over de jaren aanhoudende roep dat de horeca te duur was? De manier waarop KHN haar leden probeert te werven door vooral de kortingen voor te rekenen, zegt ook iets over onze branche en de ondernemers die alleen daarvoor oog hebben.

Ja, misschien ligt het niet aan KHN,maar aan ons. Zijn er ook positieve dingen? Eeeeeeeeh, ja, de overvloed aan broodjes en drank tijens de gezellige vergaderingen over appels en olifanten.

Horeca Erbij? | D.D. 24 maart 2006

Burgemeester en Wethouders in Nijmegen willen meer horeca in de stad. In totaal moet er zo’n 12.500 aan vierkante meters bij komen. Voorwaarde is wel dat de horeca zorgt voor meer kwaliteit. Volgens de wethouder van Economische Zaken is er een duidelijke vraag naar meer en goede horeca. Dit las ik in een artikel in De Gelderlander, een paar weken voor de gemeenteraadsverkiezingen. Nijmegen wil blijkbaar meer aanbod creëren om zo meer kwaliteit te krijgen. Weer zo’n typische beredenering, waarvan de broek m’n kont afzakt. Economisch gezien bepaalt de vraag het aanbod, en dus niet andersom.

En je moet er al helemaal niet vanuit gaan dat meer aanbod de kwaliteit verhoogt, we hebben in genoeg steden gezien dat meer aanbod juist voor verpaupering heeft gezorgd. Meer horeca kan pas als er een duidelijke vraag is vanuit de consumenten, niet omdat brouwerijen en ambtenaren dat nodig vinden. En als er volgens deze laatste twee partijen zo’n duidelijke vraag is, waarom worden bestaande horecabedrijven dan zo moeilijk overgenomen? Er staan op dit ogenblik genoeg horecabedrijven in Nijmegen te koop, voor een appel en een ei bovendien de helft van de horecaondernemers in de stad kan het hoofd net boven water houden.

Hoezo brengen de huidige ondernemers die kwaliteit niet? Wat de gemeente moet doen, is zorgen dat de randvoorwaarden om te ondernemen in de stad zodanig goed zijn dat het nieuwe ondernemers trekt en de huidige ondernemers betere kansen biedt. Dus bijvoorbeeld niet opeens de prijs voor precariorechten verdubbelen. Als enige in Nederland een ‘chipknip-parkeerbeleid’ invoeren, met andere woorden: blijf lekker weg met die auto.

Of vol trots het landelijke nieuws halen, omdat men Jeeps en SUV’s uit de stad wil weren. Terwijl dit nu net de doelgroep is die voor kwaliteit komt én voor kwaliteit wil betalen. Paradoxaal of niet, gemeente Nijmegen? Het is jammer dat de verborgen agenda’s niet op tafel liggen. De horeca wordt te vaak gezien als een sector waar werkgelegenheid kan worden gecreëerd. En net voor de gemeenteraadsverkiezingen is het natuurlijk makkelijk scoren als je 12.500 vierkante meter met extra werkgelegenheid tevoorschijn kunt toveren… Maar zolang parkeren in Nijmegen duurder is dan een omelet, is er voor Nijmegen nog veel werk aan de winkel.

Holland Casino | D.D. 24 februari 2006

De laatste jaren heeft de overheid er alles aan gedaan gokkasten uit de horeca te krijgen. Onder het mom dat gokverslaving dient te worden tegengegaan. Prima! Daarbij wordt onderscheid gemaakt tussen ‘laag-’ en ‘hoogdrempelige’ horecagelegenheden. Om dit onderscheid goed te begrijpen, moet je afgestudeerd zijn. Elke stad (de lokale overheid) hanteert immers ook nog een eigen interpretatie van de wet, en wij als ondernemers moeten ons daarbij neerleggen. Zo kent Arnhem het ‘broodje kaas-arrest’, heeft Nijmegen het ‘dansvloer-arrest’ en Enschede het ‘dj’s-arrest’.

Dit laatste betekent dat zaken met een dj worden gezien als laagdrempelig. Ik beperk me hier tot de steden waarmee ik zelf ervaring heb. Wat gebeurt er? De overheid gaat ondernemen en bouwt het ene Holland Casino na het andere. Legitimatie vereist. Bedoelen ze dit met hoogdrempelig? Hoewel ik de extra inkomsten van de gokkasten niet graag mis, heeft de overheid mijn volledige steun in de strijd tegen de gokverslaving.

Maar wat flikken ze me nu? Holland Casino haalt artiesten binnen met de policy ‘gratis een optreden’, om vervolgens de zakken van de gast leeg te kloppen aan de speltafels en de gokkasten. En het kan nog erger. Zo heeft Holland Casino in Enschede een club/discotheek geopend. Wat is de filosofie hierachter? Wie willen ze hiermee het casino in trekken? Toekomstige jonge gokverslaafden voor wie het casino tot nu toe te hoogdrempelig was? Terwijl dat toch juist het doel was van het beleid. Wat moeten we hiervan verwachten? De grootste dj’s van Nederland treden op in het casino, dat voor de gelegenheid gratis toegang biedt? Drinken voor de helft van de prijs? Gratis onbeperkt eten? Voor niets een filmpje pikken in een mega Holland Casino-bioscoop?

Het is wachten op de komst van het eerste viersterren Holland Casinohotel waar je voor een appel en een ei kunt slapen. Het zijn investeringen die de overheid zich kan permitteren met een ton winst per dag! Het mooiste van alles is dat zij de winst hierna minimaal ziet verdubbelen! Dit allemaal over de rug van de horeca. Speltip 6: spreid je win(st)kansen! Holland Casino, een mooie omgeving om (onder)uit te gaan

Handhaven | D.D. 9 maart 2007

Donderdag 22 februari, de eerste mooie lentedag van het nieuwe jaar. Perfect terrasweer, met een temperatuur van ongeveer 15 graden Celsius. Heb je een terras, dan zit dat vol. Pakken wat je pakken kunt, denk ik dan. Maar helaas, het terrasseizoen begint volgens onze vergunning pas op 1 maart. Ik kom ’s middags rond de klok van tweeën de Korenmarkt in Arnhem oplopen, met een lentegevoel in de buik en de wetenschap dat op dat ogenblik de handel op straat ligt. Een innerlijke stem geeft de opdracht om met spoed en met tien man (personeel was een kop koffie aan het drinken) tegelijk het terras van zolder te halen en neer te zetten. Ik weet dat het niet mag, en ook dat de gemeente gaat ingrijpen, maar ‘de stem’ is dit keer sterker.

Elk tafeltje dat ik neerzet is direct bezet en na een kwartier staan er 25 tafeltjes en 100 stoelen. Allemaal bezet. Twee extra personeelsleden aan het werk gezet en al snel gaan de volle bladen naar buiten. Wat een heerlijk gevoel! Mijn klokje op nul gezet en wachten op de ambtenaren. Wetend dat de gemeente en de politie op dat ogenblik plat worden gebeld door mijn collega’s op het plein, die gek van jaloezie kijken naar mijn volle terras en blijkbaar niet het initiatief nemen hetzelfde te doen. Waarschijnlijk is hun terrasmeubilair niet in de buurt, dus dan maar bellen naar de politie en de gemeente. En ja hoor. Precies 14 minuten duurt het.

Dat is de gemiddelde snelheid van de ambtenaren in Arnhem als het gaat om handhaven in de horeca. Je moet ze niet voor iets anders bellen, want dan – garandeer ik – duurt het veel langer. Ze komen met z’n tweeën. Een ambtenaar en een politieagent. Ik probeer nog tijd te rekken door een discussie op gang te zetten, maar zij zijn resoluut: weer of geen weer, 1 maart staat er op de vergunning. Punt uit.

Mijn terras moet binnen 20 minuten weg zijn, anders krijg ik een boete van €500,-. We hebben nog 20 minuten voor de handel. Als er nog 2 minuten resteren, gaan we massaal – met tien man – naar buiten om het terras weer op te ruimen. Het lukt, onder toeziend oog van de politie en de ambtenaar! ,,Ja, want wie het kleine niet eert, is het grote niet weerd. Toch?’’

FNV Horeca | D.D. 26 mei 2006

Ik was uitgenodigd door FNV Horeca deel te nemen in een panel om te discussiëren over mogelijkheden de cao te vernieuwen. Eerlijk gezegd ben ik er onbevangen naartoe gegaan. In mijn ogen moeten we een win-winsituatie nastreven tussen werkgever en werknemer met zo min mogelijk regeltjes, en moeten excessen vooral worden voorkomen. Als ik namens mezelf spreek, dan kan ik zeggen dat ik afhankelijk ben van goede mensen om me heen. Deze goede mensen probeer ik te behouden.

Daarom maken we samen goede afspraken. Daarvoor hebben wij echt geen cao nodig. Als ik deze werknemers wil behouden, moet ik kunnen concurreren met andere collega’s. In de praktijk concurreert de horeca vooral met andere bedrijfstakken. Personeelskosten zijn in de horeca gemiddeld tussen de 25 en 40 procent van de omzet. Dit wil zeggen dat personeelsleden een belangrijk stempel drukken op het bedrijf en daarop moet je gericht hr-management voeren als goede ondernemer. Je gaat ervan uit dat de FNV dit begrijpt, maar dat viel me tegen.

Het begon al bij de openingsspeech van de voorzitter. Hij kwam met een voorbeeld van een werkgever die verschillende afspraken maakte met zijn personeelsleden, en dat veroorzaakte binnen het bedrijf veel onenigheid. Met andere woorden; laat de FNV het maar regelen voor dat niet zo slimme werkgevertje. Vervolgens werd er gediscussieerd over hoe de werkgever zijn mensen moet inroosteren en dat contracten na een jaar al voor onbepaalde tijd moeten zijn, omdat je anders als werkgever geen vertrouwen in je mensen hebt. Hoe kom je dan af van die werknemers die na verloop van tijd niet meer functioneren zonder dat het je veel geld kost? Tegenwoordig rent juist dit soort werknemers zo naa een rechtsbijstandswinkel.

Zo’n advocaat belt je dan met de mededeling dat je beter kunt afkopen omdat, ondanks jouw gelijk, het je toch meer gaat kosten zodra je een advocaat inschakelt. Het meest pijnlijke was dat ik voelde dat we niet op gelijke voet stonden. De werkgever is onbetrouwbaar en daarom moet je zoveel mogelijk op papier vastleggen. Op mijn vraag hoe het toch kan dat in de Verenigde Staten het horecapersoneel je als klant bijna doodknuffelt, kreeg ik geen antwoord. Jammer, toch een illusie armer en een gezegde rijker: ‘In het hol van de leeuw’.

Eindelijk | D.D. 27 januari 2008

Op uitnodiging van Heineken ging ik begin januari naar Amsterdam. Heineken had een nieuwe strategische visie en wilde die presenteren. Onder het motto ‘leuk om even te netwerken’, ging ik op de uitnodiging in, want ik verwachtte eigenlijk het standaardverhaal te horen van de brouwerijen over nieuwe glazen (lees: grotere glazen!), nieuwe speciaalbieren in trendy flesjes en gratis koelingen. Met als resultaat voor de ondernemer – althans volgens de brouwerij – meer continuïteit en meer omzet. En vooral niet zeuren over goedkoper willen inkopen, want daar ligt het probleem niet.

Voordat de presentatie echt was begonnen, dwaalden mijn gedachten af naar de andere afspraken die dag. Ik las nog even de sms’jes door en op het moment dat ik op mijn horloge keek, hoorde ik tot mijn grote verbazing de woorden ‘uitgaan is beleven’ door de microfoon galmen. De aandacht was gewekt en mijn oren waren gespitst. De telefoon ging in de zak, benieuwd als ik was naar wat zou gaan komen. Heineken presenteerde het nieuwe concept ON.

Kort samengevat: Consumenten willen in toenemende mate belevenissen ondergaan tijdens een avondje uit. En ON biedt de ondernemer zijn eigen interactieve tv-kanaal, waarmee hij in staat wordt gesteld zijn gasten deze waardevolle belevenissen te geven. Visuele identiteit van het bedrijf, vj-beelden, games, liveconcerten – de keuze is aan de ondernemer. Om verrassend en inspirerend te zijn en te blijven, houdt ON zich continu bezig met het ontwikkelen van nieuwe content, waardoor ON positief bijdraagt aan een succesvol concept. Meer belevenissen betekent meer bezoekers, en meer bezoekers betekent meer omzet. Maar dit was niet alles.

Op de verdieping erboven waren verschillende concepten gebouwd. Een feestcafé, een strandtent, een club en een hotellounge, me ieder zijn specifieke interieurkenmerken. Eindelijk! Heineken begrijpt het. Het gaat de consument niet om Heineken, Grolsch of Dommelsch. Bier kan de consument overal krijgen. De gast kiest voor een bepaalde zaak vanwege de sfeer, de muziek, de ambiance en het publiek. Kortom, het concept. Als je dit consequent en goed uitvoert, boek je succes. Een visie die ik de afgelopen jaren bij alle brouwerijen heb gemist. We zijn er bijna. Nu nog de inkoopprijs van het bier!

Borsato bedankt | D.D. 1 december 2006

Marco Borsato gaf onlangs tien concerten in het Gelredome in Arnhem, en dat in 2,5 week. De concerten brachten 320.000 bezoekers naar de stad. 50.000 van hen hebben er volgens de gemeente een dagje Arnhem van gemaakt. De economische spin-off van de concerten is hierdoor €6 à €7 miljoen. Dit is een directe impuls voor de Arnhemse economie. En dan is dit bedrag nog een voorzichtige schatting. Het is ongelofelijk wat deze man teweeg heeft gebracht.

De hele stad was 2,5 week roodgekleurd, iedereen deed mee. Op concertdagen stroomde de stad vol met mensen. Voor het concert eten en na afloop drinken. Het eten ging erg hard, 200 eters in 1,5 uur, en dan nog het gevoel hebben dat je het hebt laten liggen. De mensen waren fantastisch. Beter publiek kun je niet krijgen. En tijdens de weekendconcerten ging het helemaal nergens over. Als dank voor het grootste succes uit de historie heeft het Gelredome een enorme plaquette van Marco Borsato voor de ingang van het Arnhemse stadion gelegd. Terecht natuurlijk!

De revenuen die Borsato, de man van €6 miljoen, Arnhem op langere termijn oplevert, moet je eigenlijk nog erbij optellen. Dat de stad daarvan profiteert is duidelijk. Duizenden mensen hebben kennisgemaakt met het Gelredome en de stad. Ze komen misschien terug of vertellen hun ervaringen door aan anderen. Ik ervaar het zelf, want er zijn al veel mensen die met onze zaken hebben kennisgemaakt tijdens de concerten, die later zijn teruggekomen omdat ze het zo gezellig vonden. Hier kan geen reclamecampagne voor de stad tegenop. Arnhem moet gewoon grote artiesten naar de stad lokken, subsidie geven en de artiesten in de watten leggen. Daarmee bespaar je andere marketinguitgaven. Een hoger rendement dan bij deze concerten kun je niet krijgen. Er moet beleid worden gemaakt, zodat de randvoorwaarden voor grote artiesten om voor Arnhem te kiezen ideaal zijn. Nu maar hopen dat met deze ervaringen en rendementen iets wordt gedaan. De ervaring ligt op straat. Doe er iets mee.

Belastingdienst | D.D. 6 april 2007

BRIEF AAN DE INSPECTEUR
DER BELASTINGEN

Mijne heren,

Onlangs ontving ik, omdat 1 april weer naderde, ter invulling het aangiftebiljet voor de inkomstenbelasting over het afgelopen jaar. Helaas moet ik u mededelen dat ik hieraan niet kan voldoen. Sinds jaar en dag betaal ik reeds loon-, inkomsten-, honden-, onroerend goed-, personeels-, weelde-, straat-, riool-, motorrijtuigen-, assurantie-, huurwaarde- en vermogensbelasting, alcohol- en benzineaccijns, btw (ook over de accijns), invoerrechten, gemeentelijke leges, overdrachtskosten, luister- en kijkgeld, en vele andere lasten.

Daarnaast wordt van mij regelmatig een bijdrage verlangd voor het Leprafonds, Anjerfonds, Bedrijfsfonds, Pensioenfonds, ziekenfonds, vakbeweging, Jantje Beton, de speelgoedactie van een niet nader te noemen omroep en het COM, VBM en VBZ. Bovendien draag ik tevens wettelijk verplicht bij aan de WAO, WW, AAW en nog veel meer weeën. Ook komt men regelmatig bij mij collecteren voor het Rode, Groene, Witte, Zilveren en andere kruizen. Gedurende mijn leven ben ik beboet, bediend, belast, beroofd, berispt, begeleid, beoordeeld, behandeld, bekeurd, alsmede uitgekozen, uitgezonderd, uitgeloot, uitgebuit, uitgezocht, uitgemaakt en uitgescholden.

Mijn hele leven heb ik doorgebracht met het invullen van formulieren, ik heb ontelbare malen verklaard dat ik ben geboren, en waar en wanneer, en ik heb al meer dan 100 maal ingevuld dat ik ongehuwd ben. Ik heb altijd getracht me te houden aan de grondwet, de vreemdelingenwet, de pensioenwet, de ziektewet, de hinderwet, de invaliditeitswet, de belastingwet, de weduwen- en wezenwet en andere wetten. U kunt zich voorstellen dat ik het niet meer zo zie zitten, en eigenlijk niet meer weet waar ik de tijd vandaan moet halen om het door u gevraagde te volbrengen.

Ik ben volledig uitgeput, uitgeblust en uitgeteld en hoop dat u begrip kunt opbrengen voor mijn situatie.

Hoogachtend,

Khalid Oubaha


Met dank aan brasserie La Cour, Den Bosch

Premies | D.D. 26 september 2008

Ik had jaren één verzekeringsagent, waarbij ik al mijn zaken had verzekerd. Hij vertelde mij altijd: ‘Khalid, jij hebt de beste deal’. Totdat ik verschillende keren werd gebeld door een  verzekeringsadviseur die een risicoanalyse wilde maken. Deze adviseur was er zo van overtuigd dat hij goedkopere en betere premies had, dat ik hem mijn verzekeringspolissenboek gaf.

Wat was, tot mijn grote verbazing, de conclusie: dat ik braaf mijn premies betaalde, maar voor een aantal schades niet was verzekerd omdat ik niet aan de voorwaarden en clausules voldeed. Zeg maar: de kleine lettertjes in het contract. Wat waren die kleine lettertjes?
• Vrijwel iedere verzekeraar eist dat een onderneming een certificaat kan overleggen van NEN 1010/NEN 3140. Toon na schade, als je op de rokende puinhopen staat, maar eens dat je toch echt wel voldeed aan deze eis.
• Er moet een onderhoudscontract op de frituurinstallatie met maximaalthermostaat zijn. En dan staat ook nog eens in de kleine lettertjes dat continu personeel aanwezig dient te zijn bij de frituur.
• Ook een risico-inventarisatie en -evaluatie is nodig, inclusief een actueel plan van aanpak.
• Datzelfde geldt voor een elektronische en bouwkundige beveiliging conform BORG. Ook in dit geval moet je na een schade blijkbaar aantonen dat je eigenlijk toch wel aan de gestelde eisen voldeed.

Nog een conclusie: de lijst is te lang! Als je niet voldoet, moet het in ieder geval door je verzekeringsadviseur, als dat geen zakkenvuller is, bespreekbaar worden gemaakt, zodat je toch verzekerd bent. Al deze adviseurs weten vaak dondersgoed dat je premies betaalt, maar  desondanks niet voldoet! Ik ben benieuwd hoeveel collega’s eigenlijk voldoen?

Last but not least kwam deze adviseur ook nog eens aan met een premie die 35 procent goedkoper was dan die ik had. Dan hebben we het over een besparing van duizenden euro’s per jaar!Ik kon mijn ogen niet geloven. Het eerste wat ik deed, was mijn huidige verzekeringsagent (waar ik acht jaar bij was) bellen. Hij kwam gelukkig uit Groningen, anders was ik er blind naartoe gereden. Ik zal u besparen wat ik allemaal door de telefoon heb gezegd. Voor advies: info@oubahabeheer.nl.

Buitenevenement | D.D. 30 mei 2008

Ons eerste buitenevenement – Koninginnenacht en -dag en Hemelvaart – in het nieuwe seizoen is achter de rug. Wat mij dit jaar extra opviel, misschien doordat ik het de laatste jaren al onstateerde en er daarom op lette, is dat het publiek steeds meer eigen drank meeneemt. Rugzakken vol. Het toppunt was wat ik van een vriendin hoorde. Haar broertje gaat altijd naar de strandfeesten in bloemendaal, waarvoor je wel entree moet betalen trouwens. De avond ervoor loopt hij het strand op met een zak vol ingekochte drank om deze te begraven voor de dag erna.
Voor een entreeloos buitenevenement is dit de grootste bedreiging. Het is ook vreemd dat wij organisatoren op kosten worden gejaagd door de overheid, omdat wij in plastic moeten schenken – onder andere bedoeld voor de veiligheid – terwijl in supermarkten de schappen met daarop de blikjes bier worden  leeggekocht. En dit wordt gewoon gedoogd. Je moet er niet aan denken natuurlijk dat ze met volle blikjes bier naar de politie gaan gooien tijdens calamiteiten.
Of moet dit gewoon een keer  gebeuren, zodat het wordtaangepakt? De Vierdaagse in Nijmegen staat voor de deur. Een miljoen bezoekers in één week. Dit levert de stad Nijmegen miljoenen euro’s op. Maar wie financiert het? Je zou zeggen de stad Nijmegen. Dat klopt, maar dan wel over de rug van de horecaondernemers. Voor het terras betalen we precario zoals in elke stad om een terras te kunnen exploiteren gedurende het jaar. Dat elke stad andere prijzen hanteert, daar heb het ik nu maar niet over.
In Nijmegen wordt ons terras tijdens de  vierdaagse afgepakt, om deze vervolgens voor een week te kunnen kopen voor €7,77 of €8,96 per m². Dat prijsverschil zit hem in het volgende: hoe groter je programmeert als ondernemer, hoe meer je moet betalen! Snapt u hem? Maar dit is nog niet alles. Vervolgens moeten we €13,50 per m² terras extra betalen in deze week voor de organisatie van de feesten, ook al spendeer je zelf voor een evenement rond de €200.000,-. Wij leveren toch al onze bijdrage aan een groot feest? Winkeliers bijvoorbeeld betalen niets! Ja, collega’s in Nijmegen, als je wordt geknipt en geschoren,dan moet je vooral blijven stilzitten!

visie | D.D. 5 januari 2008

Ik heb een hectisch jaar achter de rug. De afgelopen twee jaar zes bedrijven overgenomen. Dat is erg veel en vergt veel van de organisatie. De vragen die bij me opkwamen, waren: waar sta ik  eigenlijk? Waar wil ik heen? Wat zijn onze unieke kwaliteiten en wat niet? Hoe kunnen we schaalvoordelen behalen? Hoe kunnen we aan goede mensen blijven komen en deze vasthouden? Hoe voorkomen we inefficiëntie? En moet ik gaan franchisen?

Na jaren van overnames, concepten verbeteren, kostenreductie en efficiencyverbetering is het nu toch tijd voor dieperliggende vragen, en gaat het nu nog meer dan vroeger om visie. Ik zie het vaak voor me, en voor mijn gevoel hoef ik er dan maar naartoe te lopen om het op te rapen. Maar het proces van mooie gedachten zien en opschrijven is één, ze tot leven brengen binnen de organisatie is twee.

Ik las een artikel over Starbucks. De eerste zin van het mission statement van het bedrijf luidt: ‘Starbucks vestigen als de topverkoper van de allerbeste koffie ter wereld, met behoud van onze onveranderlijke principes, terwijl we groeien’. Groeien doet Starbucks als kool, al meer dan tien jaar achtereen met minimaal 20 procent, in omvang, omzet en opbrengst. Dit jaar loopt het totaal van de jaarrekening naar $9 miljard en komen er meer dan 2000 vestigingen bij. Daarmee gaat het totaal wereldwijd richting 15.000. Het boek ‘Kus de visie wakker’ begint als volgt. Je voelt het meteen als je binnenkomt: er zit energie in de tent. Je merkt het aan de manier waarop mensen uit hun ogen kijken en hoe ze bewegen, en aan hoe ze met elkaar en hun klanten omgaan. Je ziet het aan de aankleding en het interieur van het gebouw, de indeling van de ruimtes en de kunst aan de muur. Bij Starbucks wordt het mission statement er steeds weer bijgehaald op het moment dat cruciale beslissingen moeten worden genomen.

De visie leeft binnen de organisatie, medewerkers worden telkens bij de strategische discussies betrokken. Zo zag de directie na uitgebreid intern beraad af van het franchiseconcept, want dat zou de sterke hoeksteen van het bestaande model – werving, opleiding en training – ondermijnen. Ook de beoogde en in principe lucratieve samenwerking met luchtvaartmaatschappij United Airlines kon pas doorgaan toen mede op aandringen van het personeel van Starbucks was afgedwongen dat er nieuwe koffiemachines in de vliegtuigen zouden komen en dat het cabinepersoneel door Starbucks zou worden getraind. Zo, voor mij is er nog een lange weg te gaan!

DIAGEO | D.D. 16 januari 2009

Afgelopen week was ik met een aantal collega’ s op uitnodiging bij Diageo voor een brainstormsessie. Visie op trends in de horeca 2009 en ranking de merken waren twee belangrijke onderwerpen. Over de producten was de algemene mening dat de kwaliteit omhoog gaat, omdat de consument dat vraagt. Kijk naar de ontwikkeling van koffie en cocktails.

Door de economische crisis gaat de consument zijn euro’s voorzichtiger uitgeven. Het rookverbod wordt maatschappelijk gedragen en zal niet worden teruggedraaid, al had KHN dat spel beter in een veel vroeger stadium en fanatieker moeten spelen. De kredietcrisis werd een financiële crisis en mondt nu uit in een economische crisis. Dit houdt in dat investeringen en overnames worden uitgesteld en dat maakt het moeilijker voor startende onder nemers.

In zijn algemeenheid denk ik dat een sanering gaat plaatsvinden. De bedrijven die nu al moeilijk rondkomen en geen eigen gezicht hebben, redden het niet. Al voorzie als grote trend voor de komende jaren dat er steeds minder eenmanszaken zijn, en dat er meer grotere horecaketens/- concepten ontstaan die vallen onder één eige naar of directie. Verder moesten we de merken ranken op horeca en consumentenaantrekkelijkheid. Bij een hoge score op horeca-aantrekkelijkheid is van belang dat het merk veel gevraagd wordt door de  consument en dat de prijs-kwaliteitverhouding klopt.

Wat opvalt en wat erg interessant is, is dat sommige producten massaal worden gevraagd door de consument, terwijl ze kwalitatief minder zijn en duurder dan die van de concurrent. Dat heeft te maken met strategie en marketing en daarin zijn McDonald’s, Red Bull en Bacardi meesters. Knap is bijvoorbeeld dat het vlees van McDonald’s als beste uit de bus kwam bij een onderzoek naar het beste vlees.

Knap ook dat Red Bull en Bacardi zich al jaren profileren als de nummers één, terwijl de concurrent kwalitatief beter is én goedkoper. En knap ten slotte dat de consument denkt dat Bacardi rum is en rum Bacardi, met als gevolg dat die een Bacardimojito bestelt!

Alcohol onder de 16 | D.D. 5 december 2008

Vorige week was ik uitgenodigd als een van de gastsprekers tijdens een bijeenkomst over alcoholmisbruik onder jongeren.Ik merk dat het onderwerp steeds actueler wordt, en met minister Klink aan het roer moeten we dat goed in de gaten houden, want voordat we het weten worden weer maatregelen genomen en hebben wij (de horeca) wederom het nakijken.

De GGD heeft een nota gemaakt over alcohol -matiging in de regio Nijmegen, in opdracht van de wethouders Volksgezondheid van de gemeenten in die regio. Doel is het realiseren van een gezamenlijk alcoholmatigingsbeleid. Uit de nota blijkt dat 51 procent van de jongeren onder de 16 jaar al alcohol drinkt. Tot voor kort was het algemene idee dat je beter al enigszins kon wennen aan het drinken van alcohol onder het toeziend oog van je ouders. Dat zou bijdragen aan een gematigd alcoholgebruik als de kinderen eenmaal 16 jaar zijn.

De werkelijkheid is dat veel jongeren, ruim jonger dan 16 jaar, al veel drinken. De tolerantie van ouders was en is nog steeds groot. In 2003 zag 77 procent van de ouders in de regio Nijmegen geen problemen als hun jonge kinderen eens alcohol dronken. Vervolgens zegt het rapport dat het alcoholgebruik dat zich in de tienertijd ontwikkelt, vaak bepalend is voor hoe in het verdere leven met alcohol wordt omgegaan. Bij jongeren in Nederland is alcohol drinken op lage leeftijd heel gewoon, en bovendien drinken ze veel en vaak.

De eerste ervaringen met alcohol heeft het overgrote deel van de jongeren wanneer ze nog niet op het voortgezet onderwijs zitten. Ruim 50 procent van de 12-jarigen heeft wel eens gedronken. Dit stijgt snel tot een percentage van ruim 85 procent bij 15-jarigen. Allemaal onder toezicht van de ouders! Als je dit leest, snap je niet dat de discussie zich deze avond toespitste op handhaving van horeca, afschaffen van happy hours enz. Totdat ik er genoeg van kreeg en zei dat uit deze nota maar één conclusie kon worden getrokken: ouders voed je kinderen op, en als je het niet aankunt, begin er dan niet aan! Ik eindigde met de mededeling dat van de totale alcoholconsumptie maar 15 procent wordt gedronken in de horeca.En dat wilden ze niet horen,minister Klink!

Recessie | D.D. 31 oktober 2008

De horeca kreeg de afgelopen jaren de nodige klappen te verwerken. Na de invoering van de euro werd de sector beschuldigd (onterecht) van het doorvoeren van extreme prijsverhogingen, waarop de consument reageerde met een lager café- en restaurantbezoek. Dit jaar duwt de recessie de omzetcijfers in de min. Omdat de kosten door huurstijgingen, prijsstijgingen van inkoop, malaise onder de banken en nieuwe (lees rookverbod en naderende stijging van accijns)  verheidsvoorschriften opnieuw toenemen, staan de winsten nog veel zwaarder onder druk.

Daarnaast wordt gewaarschuwd voor een wereldwijde epidemie: pandemie. Zo’n crisis zou de wereldeconomie met bijna 5 procent doen krimpen. Sommige deskundigen spreken van een dodental boven de 180 miljoen slachtoffers. Een deel van de economische verliezen is het gevolg van de sterfgevallen of infecties, die tot 35 procent van de bevolking zouden kunnen treffen. Maar de grootste economische impact is afkomstig van de gedragsverandering van de bevolking, die besmetting zal proberen te vermijden. Je raadt het al, zo wordt geschat dat de horeca met 20 procent afneemt.

Terugkomend op het rookverbod: ik ben er nog niet uit of ik een rookruimte moet creëren in mijn zaak, en of deze ruimte volledige aandacht moet krijgen of juist niet. Ik heb bij een zaak gezien dat de rookruimte super gefaciliteerd was, met gevolg dat de rokers de ruimte niet meer uitkwamen. Dat is natuurlijk ook weer niet de bedoeling. Daarnaast schrik ik weer, dat rokers elke gelegenheid aangrijpen naar buiten te rennen om te roken. Eenmaal buiten is het gemakkelijk om te beslissen ‘even’ ergens anders te gaan kijken!

Ik maak me ook zorgen over de aanhoudende prijsstijgingen van de inkoop. Vaak met als argument stijging van de brandstofprijzen. Maar ik zie nu geen brief binnenkomen met prijsdalingen, ondanks dat een vat olie op dit ogenblik een stuk goedkoper is. Het is tijd voor een ‘Wouter Bos-effect’: het rookverbod wordt opgeheven; geen accijnsverhoging; een liberale, vrije en transparante markt (vrije marktwerking); gunstige financieringsmogelijkheden bij banken en de bureaucratie wordt afgeschaft. Wouter Bos for president!

Spiegel | D.D. 2 mei 2008

Ik was uitgenodigd als een van de gastsprekers bij Venuez 2008. Er werd ons een aantal stellingen voorgelegd. Eén van deze was ‘Of wij eigenwijs zijn?’ Daarbij werd als voorbeeld een interview aangehaald dat ik ooit gaf. Daarin zei ik dat mijn bedrijfsleiders ‘eigenwijze klootzakjes’ zijn. Wat ik steeds meer merk in mijn werk, is dat er weinig mensen zijn in je omgeving die je een spiegel voor durven te houden. Je hebt te veel jaknikkers en te veel mensen die een wit voetje proberen te halen. Mensen die zaken graag aankaarten, maar vervolgstappen uit de weg gaan. Of mensen die zaken voor zichzelf houden, terwijl deze zouden moeten worden gedelegeerd, en die vervolgens vergeten te controleren!

Het zijn de belangrijkste zaken in de organisatie. Elke organisatie is in mijn ogen lerend. Je hebt alleen mensen nodig die gebruik maken van die leermomenten en overgaan tot actie zonder dat jíj die acties start. Daarvoor heb je bepaalde karakters nodig, en die moet je om je heen verzamelen. Op die manier is doorgroei mogelijk. Eigenwijs zijn moet natuurlijk wel gepaard gaan met intelligentieen ervaring, maar dat lijkt mij logisch.

Een andere stelling was: ‘Wat zijn je ergernissen in de horeca?’ Tijdens de beurs was mijn spreektijd daarvoor te kort, maar op deze plaats wil ik er graag op ingaan. Waaraan ik mij erger, is dat de horeca steeds vaker wordt opgezadeld met of gebruikt voor – zeg maar misbruikt – maatschappelijke problemen. Op deze manier krijgen deze problemen de volle aandacht over de rug van de horeca. En de horeca? Die moet dan proberen de schade te beperken. Als voorbeeld nogmaals onze Friese moeders. Ik snap gewoon niet dat er een discussie moet zijn over het vroeger sluiten van de horeca als de horeca verantwoordelijk is voor maar 15 procent van de totale alcoholconsumptie. Ontdek waar die 85 procent wordt genuttigd en schiet dan met scherp!

Het verbaast mij ook hoe de journalistiek en onze vertegenwoordigers hierop reageren en anticiperen. De horecajournalisten vind ik te soft! Onze vertegenwoordigers vind ik al jaren te operationeel, te zwak en absoluut niet geschikt. Wanneer staat er iemand op die ons sterk vertegenwoordigt met strategische voorbereidingen als wetenschappelijke rapporten over allerlei maatschappelijke en zakelijke issues die zijn gerelateerd aan de horeca? Als iemand dan weer probeert om over onze rug ergens beter van te worden, kunnen wij ze met wetenschappelijke rapporten en argumenten om de oren slaan. Zodat we niet watertrappelend ons hoofd boven water hoeven proberen te houden in dit soort discussies.

Tapautomatisering | D.D. 4 april 2008

Onlangelas ik in het blad Proost een artikel over de opmars van tapautomatisering. Directeur Paul Kragten van Van Duijnen vertelt daarin vol vuur over de voordelen van tapautomatisering. Heel begrijpelijk, want het is zijn boterham. Ik heb ook een zaak geautomatiseerd met Van Duijnen en dat verliep – op zijn zachtst gezegd – niet vlekkeloos. Tijdens het overleg over hoe het systeem er moest gaan uitzien, werd mij beloofd dat alles mogelijk was.

Na goedkeuring van de offerte ging het bedrijf aan de slag. Ik zal u de details besparen, maar na de opening heeft het zeker twee maanden geduurd voordat we iets geregistreerd konden krijgen. Het systeem dat ik wilde, heeft nooit gedraaid en na jaren ‘bekvechten’ kwam de aap uit de mouw. Er was mij een systeem aangesmeerd dat nog in de testfase verkeerde. Vrij recent heb ik opnieuw een zaak geautomatiseerd, met een andere leverancier. Opnieuw was de oplevering twee maanden later dan gepland en wederom waren er problemen. Gaat u er even voor zitten:

– Het schuimen van de automatische tap tijdens het wisselen van de tank is niet goed.
– Tijdens het serietappen van bier neemt de hoeveelheid bier af naarmate meer biertjes worden getapt, met als gevolg dat de bierglazen maar voor driekwart zijn gevuld.
– Eén tappunt heeft lauw bier.
– De sterkedrankleidingen die zijn geleverd, zijn voorzien van een rode beschermslang. Dat ziet er niet uit.
– Tijdens de installatie bleek dat de koffiemachine moeilijk te automatiseren is.
– Er zit geen indicatie op de gedestilleerd zuilen.
– De afwerking van de bars is dramatisch, de kabels bij de connectors zijn afgewerkt met plakband.
– De verlengdozen voor de voeding zijn te laag geplaatst, zodat er vocht in kan komen.
En zo kan ik nog even doorgaan. Kragten sloot in het artikel in Proost af met de woorden: ‘Wie niet automatiseert, is een dief van zijn eigen portemonnee’. Ik zeg liever: ‘Als je automatiseert, doe het bij de juiste partij en met afgetimmerde contracten’.

Dolende moeders | D.D. 1 februari 2008

De dolende moeders van de actiegroep Vroeg op Stap hebben 68.000 handtekeningen verzameld om de sluitingstijden van kroegen en discotheken landelijk te vervroegen naar 2.00 uur. Zij verwachten dat daarmee onder meer het alcoholgebruik onder jongeren naar beneden kan worden gebracht, en dat komt de gezondheid van de drinkers ten goede. Daarnaast verwachten zij dat vroeger stappen goed is voor de schoolprestaties van de kinderen en dat het stress en spanning binnen het gezin voorkomt.

Het is de wereld op zijn kop. Het gevaar is dat ze nog steun krijgen ook, terwijl feiten blijkbaar niet nodig zijn. De feiten zijn namelijk anders. Daaruit blijkt dat maar 15 procent van de alcoholconsumptie wordt genuttigd in de horeca. De rest in jongerenketen,
sportkantines en, daar is ’ie, thuis. Uit onderzoek blijkt (ik meld mijn bron, anders word ik niet geloofd: Monshouwer et al., 2004) dat van alle leerlingen uit groep 7 en 8 (tien, elf jaar) 36 procent mag drinken van hun ouders. Het percentage twaalfjarigen dat samen met vader en/of moeder drinkt, is in ieder geval 50 procent. Op zestienjarige leeftijd mag 85 procent thuis drinken. Ouders blijken in beperkte mate regels op te leggen. Zo heeft slechts 22 procent van de kinderen uit groep 7 en 8 met hun ouders de afspraak geen alcohol te drinken.

Opvallend is dat jongeren die thuis met ouders drinken, vaker ook met vrienden buitenshuis drinken. Het lijkt erop dat ouders hierin een aanzienlijke invloed hebben. Jongeren die met ouders drinken, drinken bijna vier keer zo vaak met vrienden. En dan het argument dat vervroegen van de sluitingstijden de veiligheid ten goede komt. In Arnhem heb ik met eigen ogen kunnen ondervinden dat op het moment dat alle kroegen om 2.00 uur moesten sluiten, alle verschillende doelgroepen en leeftijden tegelijkertijd op het plein werden gedropt. Het gevolg: overbevolkte broodjeszaken en ruzies om taxi’s. En rondrennende agenten, om de brandjes te blussen, bevordert het objectieve en subjectieve gevoel voor veiligheid natuurlijk ook niet.

Maar ja, ik kan de ‘dolende moeders’ hun actie natuurlijk niet kwalijk nemen, want de laatste keer dat zij zijn wezen stappen is waarschijnlijk een eeuwigheid geleden. Tot slot wil ik opmerken dat horeca steeds meer wordt misbruikt om aandacht te krijgen voor iets dat niets met horeca heeft te maken. Zoals ook onze minister Klink zijn naam heeft gevestigd in korte tijd. Nog een tip voor de dolende moeders: misschien wordt het tijd een comité op te richten dat volwassenen die niet in staat zijn hun kinderen op te voeden, vooraf test. Om vervolgens wat ‘zaakjes door te knippen’.